Evangelist voor getroebleerde tieners

Deborah Curtis: Touching from a Distance - Ian Curtis and Joy Division. Uitg. Faber & Faber, 212 blz. Prijs f 33,25. Claude Flowers: Dreams Never End - New Order en Joy Division. Uitg. Omnibus Press, 128 blz. Prijs f 33,25. De cd Permanent, The Best of Joy Division verschijnt bij Mercury.

Eind jaren zeventig werd Ian Curtis, zanger van de groep Joy Division, beschouwd als de personificatie van de doem-muziek - een stroming die ontstond als fatalistische tegenhanger van punk. Vijftien jaar na zijn zelfmoord is nu een biografie van Curtis verschenen, geschreven door zijn ex-vrouw.

Vijftien jaar geleden, op de ochtend van 18 mei 1980, hing Ian Curtis zich op. De 23-jarige zanger van de Engelse groep Joy Division werd gevonden door zijn vrouw Deborah, in de keuken van hun huis. Vorige maand verscheen de biografie die Deborah Curtis heeft geschreven over haar echtgenoot, met wie ze acht jaar een relatie had. Op het moment van zijn dood was hun dochtertje Natalie een jaar oud.

Voor haar beknopte relaas van Curtis' leven baseerde Deborah zich op interviews met derden, zoals bandleden Peter Hook en Bernard Sumner, manager Rob Gretton en journalist Paul Morley. Maar de voornaamste bron waren haar eigen ervaringen met de grillige en depressieve Curtis, waardoor het een zeer persoonlijk boek is geworden. Opvallend is dat allerlei informatie die het publiek na zijn dood onthouden werd, vijtien jaar later wel openlijk verteld kan worden.

Toen Curtis overleed was er van zijn groep Joy Division nog maar een plaat verschenen, Unknown Pleasures. Het was een onthutsend debuut, zowel door de sombere teksten als door de muziek. Met hulp van producer Martin Hannett slaagde de groep er in de eenzaamheid waar Ian Curtis in zijn teksten over zingt, ook in de instrumentatie te laten doorklinken. Uit de galmende drums spreekt leegte, de trillerige sythesizerloopjes illustreren zijn wankele geestelijk evenwicht. Curtis' holle stem die met zijn strenge dictie het onheil leek te willen bezweren, stond hierbij steeds op de voorgrond.

Ian Curtis werd de personificatie van doem-muziek - de stroming die eind jaren zeventig ontstond als fatalistische tegenhanger van punk. Hij was de sombere held in jaren-vijftig crisiskleding, die Camus las en John Cale's Fear is a Man's best Friend als persoonlijke favoriet had. Unknown Pleasures en het postuum verschenen Closer groeiden uit tot bijbel voor getroebleerde tieners in de jaren tachtig.

Noel Coward

Deborah Curtis kreeg op haar zestiende verkering met Ian Curtis. Zij woonde in Manchester en hij en het nabij gelegen plaatje Macclesfield. Het was de tijd van David Bowie en Lou Reed; Ian Curtis deed oogschaduw op en ergerde Deborahs ouders door 's avonds een zonnebril te dragen en onophoudelijk te roken. Curtis en zijn vrienden probeerden bovendien alles uit dat een geestverruimend effect zou kunnen hebben: van het snuiven van waterstofperoxide tot het slikken van antipsychose pillen.

Ian en Deborah Curtis bezochten samen de homoseksuele bars en feestjes in Manchester - the atmosphere was very Noel Coward - en na een paar jaar richtte Ian Joy Division op. Hij had in het huis waar hij inmiddels met Deborah woonde een kamer van onder tot boven zwart geverfd en trok zich daar 's avonds terug om zijn teksten te schrijven. De samenwerking met Bernard Sumner (gitaat) en Peter Hook (basgitaar) en later drummer Steve Morris verliep zo soepel dat de groep, toen nog onder de naam Warsaw, al snel optredens kon gaan geven in Manchester en omgeving.

Voor Deborah Curtis werd de band een concurrent. Naarmate Joy Division meer aandacht kreeg werden de vriendinnen en echtgenotes buitengesloten. De vier bandleden hadden hun eigen humor - tamelijk plat - en zwolgen gezamenlijk in hun dromen van succes. Bovendien vond de manager het beter als bijvoorbeeld de zwangere Deborah Curtis zich niet vertoonde aan de vrouwelijke fans. Haar werd de locatie van de kleedkamers dan ook verzwegen.

In de begintijd van Joy Division kreeg Ian Curtis last van epilepsie. De medicijnen die hij vervolgens kreeg voorgeschreven verergerden zijn depressieve buien. Maar ook afgezien daarvan had Ian Curtis een labiel karakter. Volgens zijn echtgenote kon hij afwisselend weekhartig zijn en furieus. Om zijn zin te krijgen sloeg hij soms een hand door een glazen deur, en toen zijn epilepsie zich eenmaal had gemanifesteerd kreeg hij onveranderlijk een aanval als hij een discussie dreigde te verleizen. Hij verbood Deborah om make-up en leuke kleren te dragen en ontzegde haar het contact met vrienden. Maar zelf bood hij haar steeds minder; tegen het eind van zijn leven vertelde hij haar niet meer dan wat hij op zijn brood wilde hebben.

Het is jammer dat Curtis er daardoor niet in slaagt duidelijk te maken waar Ians getob nou eigenlijk over ging. Ze vertelt over zijn angsten en zijn depressies, maar wat hem zo somber maakte meldt ze niet. Ook over Curtis' fascinatie met nazi-Duitsland is ze voorzichtig. De groepsnaam Joy Division was ontleend aan de naam voor kampbordelen in nazi-Duitsland. De eerste single van Joy Division zat gevouwen in een poster met een afbeelding van een lid van de Hitler jugend, en Ian was geobsedeerd door nazi-uniformen. Zijn vrouw verklaart dat uit zijn interesse in stijl en geschiedenis. Het lijkt er op dat zijn fascinatie gekoketteer was; in Curtis teksten is de zwartgalligheid uitsluitend particulier, nooit politiek.

Vlak voor zijn dood stond Joy Division op het punt door te breken naar een groot publiek. Het succes van de grope groeide vooral door de vele live optredens. Zoals onlangs op de BBC-televisie te zien was bij een herdenkingsprogramma, had Curtis een eigen manier van dansen. Hij schokte heen en weer met afwerende armgebaren en starre ogen en zijn bewegingen waren zo ongecontroleerd dat hij nog al eens te ver van de microfoon raakte om nog gehoord te worden. In de laatste fase van zijn leven kreeg Curtis ook epileptische aanvallen op het podium, zodat hij tijdens de set van het podium moest worden gedragen.

Zijn verergerende epilepsie werd vaak als oorzaak aangevoerd voor Curtis' zelfgekozen dood. In het boek meldt zijn vrouw voor het eerst nog andere complicaties, zoals zijn verhouding met de Belgische Annik Honore. Zonder zichzelf te sparen schrijft ze over Curtis' huichelachtigheid en de echtelijke scenes - met als merkwaardig detail dat de vasthoudende Honore ook na Ians dood hun huis bleef bellen.

Discografie

Hoe het verder ging met Joy Division na Curtis' dood wordt beschreven door de Amerikaanse journalist Claude Flowers in Dreams Never End - New Order en Joy Division. Zonder zich te baseren op interviews met bandleden reconstrueert Flowers de muzikale en persoonlijke geschiedenis van de leden van New Order - zoals de grope zich na 1980 zou noemen. Dreams Never End ontstijgt echter zelden het niveau van een veredelde discografie; geen remix-versie blijft onvermeld, geen clip-regisseur anoniem. Flowers trekt uit de songteksten bovendien allerlei conclusies over het prive-leven van de muzikanten: als zanger/gitarist Bernard Sumner schrijft My life ain't no holiday/I've been throughthe point of no return dan is dat volgens Flowers omdat hij onherstelbaar is gekwetst door zijn recente echtscheiding.

Die bleke portrettering hangt wellicht samen met een probleem waar de groep zelf ook aan heeft geleden: het ontbreken van een gezicht. Na Curtis' dood werd de band aangevuld met keyboardspeelster Gillian Gilbert maar geen van de leden was een podiumpersoonlijkheid, zeker niet in vergelijking met Ian Curtis. Vooral toen de groep nog Hoy Division-achtige doemmuziek maakte, was dat een voelbaar gemis.

Maar in de loop van de afgelopen vijftien jaar heeft New Order zich op sublieme wijze losgemaakt van haar voorgeschiedenis. Na de doemmuziek richtte de muzikanten zich op dance, maar combineerden de straffe ritmiek nog wel met een zweem van melancholie. Zo werd vrijblijvendheid voorkomen en tegelijk de nadruk op een voorman verminder.

New Order, dat na de prachtige cd Republic (1993) een stille dood gestorven lijkt te zijn, was een van de eerste groepen waarvand de leden zich niet in de video-clips vertoonden. Die anonieme presentatie werd later gemeengoed onder dance-acts. Het ontberen van een gezicht maakte New Order onbedoeld tot trendsetter.