Burgemeester van Zaanstad blijft aan onder curatele

AMSTERDAM, 23 JUNI. Burgemeester en wethouders van Zaanstad hebben gisteren twee moties van wantrouwen overleefd. Wel moet de burgemeester een externe deskundige boven zich dulden, die de verhoudingen op het stadhuis moet helpen verbeteren.

Dat is de uitkomst van de raadsvergadering over een onderzoek naar de bestuurlijke en ambtelijke verhoudingen in Zaanstad. Aan het eind van twee zittingen diende die fractie van de Zaanse Onafhankelijke Groepering (ZOG) een motie van wantrouwen in tegen de burgemeester. Deze motie werd alleen gesteund door het CDA. Een andere ZOG-motie, waarin het vertrouwen in “de politieke samenstelling van het college werd opgezegd”, werd alleen gesteund door enkele leden van GroenLinks.

Met het vertrouwen van de raad moet het college van B en W proberen de verhoudingen op het stadhuis te herstellen. Uit het rapport van onafhankelijk onderzoeker C.M.L. Roozemond blijkt dat de secretarie wordt verteerd door roddel en achterklap. De kans dat een externe begeleider de verhoudingen behoorlijk kan verbeteren, acht Roozemond “iets meer dan 50 procent.” Enkele fractievoorzitters hielden hun twijfels. “Kan de burgemeester haar karakter veranderen?”

In april werd Roozemond aangetrokken, toen na een vertrouwenscrsisis tussen Bruinsma en het politiekorps, de raad ook haar functioneren als burgemeester aan de orde stelde. Bruinsma is verantwoordelijk voor Personeelszaken. Zij overweegt die portefeuille over te dragen.

Na veertien dagen onderzoek was Roozemond nog van mening dat er “zeker ontslagen zouden vallen”. De burgemeester verwierp de suggestie dat het hele gemeente-apparaat verlamd is geweest. Later neigde hij naar het oordeel dat er geen sprake was van een enkele schuldige. Uit de elkaar bevechtende kampen zouden wel vijf mensen moeten opstappen, bestuurders en top-ambtenaren, en dat zou naar zijn mening de doodklap zijn voor het bestuur van de gemeente.