Spaanse vissers waarschuwen voor een nieuwe 'tonijnoorlog'

BERMEO, 22 JUNI. In een aantal Spaanse havenplaatsen wachten honderden vissers gespannen het begin van het nieuwe tonijn-seizoen af. Op de kades zijn nog steeds de verbitterde discussies onder Spaanse vissers te beluisteren over de talrijke incidenten die vorig jaar rond deze tijd met Franse, Ierse en Engelse collega's in een regelrechte 'tonijn-oorlog' zijn ontaard.

Na een dispuut met Canada dit voorjaar over het vissen in de noordelijke Atlantische Oceaan en 650 Spaanse vissersboten die momenteel al uit de vaart zijn genomen vanwege het feit dat de Spaanse overheid geen overeenstemming heeft bereikt over een visserijverdrag met Marokko, zijn de Spaanse beroepsvissers somber gestemd over de op handen zijnde tonijnvaart.

De Spaanse minister voor visserij heeft al gewaarschuwd dat het laatste waar zijn land op zit te wachten een nieuwe visserijoorlog is. Maar wanneer met name de Fransen zich ook de komende maanden opnieuw niet zullen houden aan de door de Europese Unie opgestelde regels voor de tonijnvangst, lijkt een nieuwe 'aanvaring' met de Spaanse vissers onvermijdelijk.

“Wanneer de Fransen op een legale manier vissen, zullen ze van ons geen last hebben”, zegt Aniceto Galindez, schipper van de tonijnboot Talape. “Maar wanneer de wet opnieuw door hen wordt overtreden dan komen we onherroepelijk in actie.”

Galindez bereidt zich met zijn twaalfkoppige bemanning in de Baskische havenplaats Bermeo voor op het nieuwe tonijn-seizoen. De vooral door de consument gewaardeerde vissoort is deze maanden aan zijn trek begonnen van de Azoren, via de Golf van Biscaje, de Ierse Zee naar de noordelijke Atlantische Oceaan. Het is dit gebied waar zich vorig jaar talrijke incidenten afspeelden tussen ongeveer 400 Spaanse vissers, 60 Franse-, 20 Ierse- en 10 Engelse visserschepen.

De Spaanse aversie richt zich echter met name op de Franse collega's. De Spanjaarden vissen op tonijn op een traditionele manier. Zij vissen met levend aas en hun werk aan boord is arbeidsintensief. De Fransen trekken zich echter weinig aan van de al eeuwen gangbare cultuur, waarmee de Spanjaarden op tonijn jagen. De Fransen gebruiken sleepnetten waarmee zij de zee als het ware 'leegvegen'. Volgens Spaanse beschuldigingen gebruiken de Fransen daarbij grotere netten dan 2,5 kilometer lengte, de maximale grootte die door de Europese Unie is toegestaan.

De Spanjaarden omschrijven deze netten als 'gordijnen des doods'. Zij worden in hun mening gesteund door milieubewegingen die vinden dat de Franse manier van vissen ontoelaatbare schade aan het milieu toebrengt. Bovendien vinden ook andere vis- en schelpdiersoorten door de Franse manier van vissen een gewelddadige en zinloze dood. Honderden dolfijnen, maar ook zeeschildpadden die verstrikt raken in de sleepnetten, worden het slachtoffer van deze manier van vissen.

Als tegenargument beweren de Fransen, een mening waarin zij worden ondersteund door hun Britse en Ierse collega's, dat zij minimaal een net van een kilometer nodig hebben om de tonijnvaart, die door hun wordt beoefend met zes tot acht mensen aan boord, lonend te maken.

Het gevolg was dat Spaanse vissers vorig jaar Franse netten doorsneden, hun schepen op volle zee ramden of zelfs opbrachten naar Spaanse havenplaatsen. Later vonden vergelijkbare incidenten plaats tussen Spaanse vissers, Ierse en Engelse visserschepen.

Ook dit jaar is de spanning opnieuw voelbaar. De Spanjaarden zijn sceptisch gestemd over de maatregelen die de EU heeft verordonneerd. Bovendien zijn de vissers zeer gebeten op de Britse overheid die heeft gedreigd desnoods de Royal Navy in te zetten om haar schepen tegen de Spanjaarden te beschermen. Het gonst op de Spaanse kaden momenteel dan ook van de geruchten dat zich op veel schepen van de Spaanse vissersarmada wapens zouden bevinden. Hetgeen de mogelijkheid op ongelukken met dodelijke afloop allesbehalve denkbeeldig maakt.

“Maar dat is onzin”, zegt Alendez. “We zijn niet van plan te gaan vechten, we zijn vissers. Het enige wat wij verlangen is dat er reglementair wordt gevist. We willen dat de Franse netten worden gecontroleerd. Zowel op zee als aan land. De Fransen moeten ons ook geen piraten noemen. Want als er één land voor die benaming in aanmerking komt is dat Frankrijk wel.”

Inmiddels houdt de EU de adem in. De komende vier maanden vaart een vloot van 400 Spaanse trawlers uit. Spanje beschikt over de grootste Europese vissersvloot en is na Japan en Korea de derde consument van vis in de wereld.

Inmiddels onderzoekt het Amerikaanse instituut voor visserijtechniek naar methoden om het vissen op de steeds schaarsere tonijnen rendabeler te maken. Het Amerikaanse onderzoek richt zich met name op verbetering van het traditionele tonijnvissen met haken en lijnen. Daardoor zou het vissen met sleepnetten overbodig worden. Het zou bovendien een rendabeler vangst opleveren aangezien de sleepnetten een gedeelte van de (schaarse) vis onherstelbaar beschadigt.

“Dat pleit alleen maar voor de manier waarop Spanjaarden vissen”, meent Juan Maria Urbieta, voorzitter van de vakbond van Spaanse vissers. “Waarom zijn onze concurrenten niet verstandiger? Door het vissen zonder sleepnetten brengt de helft van de vangst ongeveer twee keer zoveel geld op als nu het geval is.” (Reuter)