Raad: academische cursus niet korter

DEN HAAG, 22 JUNI. De Onderwijsraad is tegen grotere variatie in studieduur in het hoger onderwijs, zoals staatssecretaris Nuis (hoger onderwijs) wil. De studies mogen in ieder geval niet korter worden.

De raad schrijft dit in een advies aan staatssecretaris Nuis. Nuis moet deze zomer een plan maken over de stelselherziening in het hoger onderwijs, waartoe in het regeerakkoord is besloten.

De Onderwijsraad, het belangrijkste adviesorgaan van het ministerie van onderwijs, vindt dat hogere opleidingen niet korter mogen zijn dan vier jaar omdat anders de kwaliteit van het hoger onderwijs en de internationale erkenning van de Nederlandse diploma's in gevaar komen. Ook acht de raad het “ondoenlijk” voor alle opleidingen een procedure te organiseren ter vaststelling van de vereiste cursusduur. De Onderwijsraad wil alleen in uitzonderingsgevallen een langere cursusduur toestaan. Verkorting van de officiële studieduur acht hij alleen mogelijk voor VWO'ers in het HBO en voor Havisten in het MBO. De raad sluit zich hiermee aan bij het pleidooi van de vereniging van Nederlandse universiteiten (VSNU) in het rapport van commissie-De Moor.

De raad adviseert een reorganisatie van de huidige 600 studierichtingen tot een veel kleiner aantal bredere studierichtingen. Ingrijpende herziening van het hoger-onderwijsstelsel wijst de raad af. Daarvoor is geen maatschappelijk draagvlak en zo'n operatie zou ten koste gaan van de kwaliteit van het onderwijs.

De raad adviseert staatssecretaris Nuis de voorstellen van de HBO-raad over herziening van het aantal opleidingen uit te werken en toe te passen op het wetenschappelijk onderwijs. Deze voorstellen van de HBO-commissie-Brouwer houden in dat het huidige aantal van 300 HBO-opleidingen moet worden samengevoegd tot 30 à 50 brede opleidingen. Binnen zo'n opleiding is 50 tot 70 procent van de leerstof voor alle studenten dezelfde. Voor het overige deel kunnen de studenten zich nader specialiseren.

De raad is verder bezorgd dat de prestatiebeurs, die minister Ritzen na verwerping in de senaat eerder deze maand nu volgend jaar wil invoeren, de toegankelijkheid van het hoger onderwijs in gevaar brengt. De financiële risico's door de studieleningen en de hoge studieschulden wanneer de student geen diploma haalt, kunnen jongeren afschrikken te gaan studeren. De raad is voor handhaving van de doorstroommogelijkheid voor HBO'ers naar de universiteit, omdat dergelijke 'laatbloeiers' meestal afkomstig zijn uit de lagere inkomensgroepen.