Nederland is voor Engelse professionals geen Mickey Mouse-land meer; Gedenkwaardig duel voor cricketploeg

Volgende week dinsdag is een historische dag voor het Nederlandse cricket. Dan speelt de nationale ploeg voor het eerst mee in het Engelse bekertoernooi om de NatWest Trophy. Northamptonshire, een gerenommeerd provincieteam, is de tegenstander.

ROTTERDAM, 22 JUNI. Ze zijn er niet gerust op in Northampton. André van Troost, het grootste Nederlandse crickettalent sinds mensenheugenis, sprak verleden week in Engeland nog een paar spelers van de komende opponent van Oranje. “Ze hadden liever tegen een andere ploeg gespeeld. Want ze weten niet wat ze van Nederland kunnen verwachten. Dat zorgt voor druk. Het wordt als een afgang beschouwd als van ons wordt verloren.”

Van Troost is een van de twee Nederlanders die in het Engelse profcricket actief zijn. Roland Lefebvre is de ander. Beide spelers doen dinsdag niet mee. Lefebvre speelt met zijn eigen team, Glamorgan, in het bekertoernooi. Van Troost, onder contract bij Somerset, probeert in het Engelse testteam te komen. Volgens de reglementen kan hij daarvoor uitkomen als hij zeven jaar op het eiland heeft gespeeld. Hij had gehoopt dispensatie te krijgen en al binnen vier seizoenen speelgerechtigd te zijn. Dat lijkt echter niet door te gaan. Van Troost overweegt daarom weer voor Oranje te gaan spelen. “Als er niets verandert, ga ik met Nederland naar het WK. Dat is te mooi om te laten lopen.”

Als alles dinsdag normaal verloopt verliest Nederland - nog zonder Van Troost - gewoon van Northamptonshire. Aanvoerder Steven Lubbers spreekt van een winstkans van twintig procent. Maar het kan raar lopen in een eendaagse wedstrijd. “Als Clarke losbrandt, kan hij ze vermoorden”, weet Van Troost. Clarke is Nolan Clarke en hij kan het aardig op zijn heupen krijgen met het bat. Hij is een van de vier buitenlanders in de nationale ploeg die door hun langdurige verblijf in Nederland mogen meespelen.

Tegenstander Northamptonshire staat op de eerste plaats in de grote competitie in Engeland. Maar in de league van eendaagse wedstrijden hangt het team ergens onderin. Dat biedt misschien perspectief voor Nederland. Lubbers: “Er wordt van alles over die ploeg gezegd. Ze zouden battend heel goed en bowlend een stuk minder zijn. Maar ik weet alleen dat het een ijzersterk team is.”

Het is in ieder geval belangrijk dat Nederland een goede beurt maakt. Iedereen zal de nieuweling met argusogen volgen. “We moeten een mooie pot spelen”, zegt Lubbers. Een afgang zou fataal kunnen zijn. Manager John Wories: “Ik denk dat de interesse van de Engelsen afneemt als ze ons als een Mickey Mouse-land gaan beschouwen. Dan krijgen we misschien wel een brief waarin staat dat het allemaal fantastisch was, maar dat het voor volgend jaar even niet goed uitkomt.”

Bondsvoorzitter Van Hoogstraten gaat er vanuit dat het team “tot nader bericht” aan het toernooi mag blijven meedoen. Nederland hoopt in de toekomst ook in te schrijven voor een andere bekercompetitie in Engeland, de 'Benson en Hedges'. Daar wordt niet volgens het knock-outsysteem gespeeld, maar in poules. Dat zou Nederland de zekerheid geven van ten minste vier wedstrijden. Voorlopig is Oranje al blij met het startbewijs voor de NatWest. Nederland is het eerste team van het vasteland. Ierland en Schotland zijn de andere nationale ploegen onder de deelnemers. Jarenlang heeft de cricketbond de Engelsen tevergeefs verzocht om te mogen meedoen. “Ze vonden ons gewoon niet sterk genoeg”, zegt Lubbers. “Maar nu konden ze niet meer om ons heen.”

Met de deelname aan het Engelse bekertoernooi wordt Nederland beloond voor de goede prestaties van de afgelopen tijd. De nationale ploeg versloeg in oefenduels een paar toplanden en plaatste zich tevens voor het grote WK van begin volgend jaar. “We worden als volwaardig beschouwd”, weet Lubbers. Hij merkte het aan de interesse uit Engeland om twee dagen voor de bekerwedstrijd tegen Nederland te oefenen. Eerst belde Middlesex, en daarna ook nog Kent. “Vroeger moesten we bij die teams voor de poort gaan liggen en smeken of ze misschien tegen ons wilden spelen.”

Zaterdag worden in Nederland nog competitie-wedstrijden gespeeld. Zondagmorgen reizen de internationals naar Engeland om er 's middags tegen Middlesex te oefenen. Het is voor de cricketers te hopen dat ze snel aan het veld wennen. In Nederland wordt op een kokosmat gespeeld, in Engeland - zoals het hoort - op gras. Dat geeft een heel ander spel. De bal gedraagt zich anders. “Cricket is vooral een kwestie van je aanpassen aan de omstandigheden”, doceert Lubbers. Mede daarom heeft de keuze-commissie voor een ervaren ploeg gekozen, met een flink aantal dertigers. Zo is ook Jan Paul Bakker, 37 jaar inmiddels, weer geselecteerd. De speler van Quick speelde acht jaar in het Engelse profcricket.

Nederland zal, zo is de verwachting, tegen Northamptonshire vooral moeite hebben met de langzame bowlers. 'Engelsman' Van Troost: “Ze hebben dergelijke jongens in Nederland nog nooit gezien. Die lopen in de hoofdklasse niet rond. Dus kan je er ook niet op oefenen.” Wat nu? “Niets”, zegt Wories. “We moeten goed kijken en niet zeuren over de nadelen die we ten opzichte van de Engelsen hebben.” Volgens de reglementen van het bekertoernooi had Nederland één buitenlandse topper als gastspeler kunnen opstellen. Lubbers: “Maar zo'n jongen vraagt misschien 20.000 gulden. Maar wat als hij op de tweede bal wordt uitgevangen? Dan is het weggegooid geld.”

Het is jammer dat André van Troost nog niet wil en kan meespelen. Hij zal dinsdag zelfs niet als toeschouwer aanwezig zijn. De Schiedammer blijft in Nederland om verder te revalideren van zijn rugblessure. “Ik vind er geen reet aan om naar cricket te kijken. Ik speel het liever.”