Deel EU-landen voor afspraken over Europol

LUXEMBURG/DEN HAAG, 21 JUNI. Een meerderheid van de landen van de Europese Unie schaart zich achter de Nederlandse eis dat het Europese Hof van Justitie een rol moet krijgen bij geschillen over Europol.

Dat bleek gisteren na een bijeenkomst van de Europese ministers van justitie en binnenlandse zaken in Luxemburg. Groot-Brittannië en Denemarken blijven bezwaar aantekenen tegen de rol van het Hof. Tijdens de Europese top volgende week in Cannes moet blijken of overeenstemming over het verdrag wordt bereikt.

Groot-Brittannië wil dat de in Den Haag gevestigde organisatie een intergouvernementele instelling blijft. Maar Nederland, vooral gesteund door België en Luxemburg, vindt dat de rechtsbescherming van de burger moet worden verzekerd via het Europese Hof. De Tweede Kamer dreigt het verdrag niet te ratificeren als de controle op Europol onvoldoende wordt vastgelegd.

Gisteren constateerde minister Dijkstal (binnenlandse zaken) dat de eis van de Benelux-landen nog weerstand ondervindt van twee tot drie landen. “Na de zeer sombere situatie van vorige week is er perspectief op een akkoord in Cannes”, aldus Dijkstal. Volgens een voorstel dat EU-voorzitter Frankrijk gisteren presenteerde kunnen de lidstaten zelf kiezen of ze het Hof bij Europol willen betrekken. Ze moeten allemaal het verdrag ondertekenen, maar kunnen daarna opteren of ze ook hun handtekening zetten onder een zogeheten 'opt in'-verklaring over het Hof van Justitie. Die verklaring moet door ten minste tweederde van de lidstaten worden ondertekend. Als Groot-Brittannië niet tekent, genieten Britse burgers inzake Europol geen rechtsbescherming via het Hof. Minister Dijkstal zei gisteren die rechtsongelijkheid te betreuren, “maar in ons land en in de lidstaten die de rol van het Hof wel erkennen, hebben de burgers in ieder geval wel uniforme rechtsbescherming”.

Volgens het compromis-voorstel zullen geschillen tussen staten over Europol eerst worden voorgelegd aan de raad van ministers. Die krijgen zes maanden om een oplossing te vinden. Komt die oplossing er niet, dan kan het geschil worden voorgelegd aan het Europese Hof. Voor geschillen tussen burgers en Europol bestaat de rol van het Hof erin dat de nationale rechter bij twijfel naar het Hof kan stappen voor toetsing.

Hoewel de ministers Dijkstal en Sorgdrager (justitie) van “een beduidende stap voorwaarts” spreken, is vanochtend in de Tweede Kamer terughoudend gereageerd. De fractie van D66 is tegen de ondertekening van het Europol-verdrag zoals dat er nu ligt. “Je tekent een goed verdrag, of je tekent het niet”, zegt het Kamerlid De Graaf. Zijn fractie is tegen een “Europol à la carte, waarin de burger uit het ene land wel, en die uit het andere land geen rechtsbescherming van het Hof geniet”. Bovendien, zegt De Graaf, kan Nederland volgens de nu voorliggende tekst een eventueel geschil met Groot-Brittannië over Europol niet aan het Hof voorleggen.

Ook de VVD sluit niet uit dat de Kamer uiteindelijk 'nee' zal zeggen tegen het verdrag. Volgens Kamerlid Weisglas lijkt het verdrag wat betreft de juridische controle “iets te verbeteren”, maar hij voegt eraan toe dat er nog een “absoluut gebrek” aan democratische controle op de organisatie bestaat. Zijn CDA-collega Verhagen is optimistischer. Hij noemde de justitiële paragraaf in het Europol-verdrag “voldoende als de belangen van de Nederlandse burger zijn gewaarborgd”.