Tristezza

Schuifelend langs de schilderijen sta ik plotseling oog in oog met een tachtig jaar oud portret van een man met een ongelofelijke naam en een trieste, afgewende blik. Zacht ruist de Larense tongval door de zaal van het Singer Museum als de peilloze mismoedigheid uit 1916 me afsluit voor het twill en suède van de Gooise weekendkleding om me heen.

Vanwaar de tristezza in de Italiaanse ogen, maar vooral, wie was de geportretteerde beeldhouwer wiens naam me treft als een sneeuwbal in de zomer: Rembrandt Bugatti?

De naam laat me niet meer los. Ik realiseer me dat wanneer een uitzonderlijke voornaam éénmaal een bijzondere betekenis heeft gekregen hij in onbruik raakt. Wie noemt zijn kind Dzjenghis of Napoleon?

Vreemder wordt het als dat toch is gebeurd en de drager van die naam het ook weer tot vermaardheid brengt. Maar een statistische ontploffing is het gevolg als bovendien zijn achternaam een glorieuze associatie biedt.

Dzjenghis Cocacola, baanbrekend architect, Napoleon Stradivarius, Nobelprijs fysica.

Maar Rembrandt Bugatti heeft echt bestaan. Van 1885 tot 1916, leer ik later, en warempel, hij is een broer van Ettore, de ontwerper van de legendarische automobielen. Vader Carlo was meubelontwerper en zilversmid, diens vader was beeldhouwer.

Rembrandt erfde dat talent en excelleerde vooral in dierfiguren. Somber van aard trok hij zich liefst terug in dierentuinen, met name in Parijs en Antwerpen toen hij eenmaal uit Milaan was weggetrokken.

(Terzijde: dat deed ook de Nederlandse beeldhouwer Tjipke Visser (1876-1955) die in 1915, gedeprimeerd door de dood van zijn vrouw en door naoorlogse tegenslagen, troost zocht in Artis, waar hij een werkruimte in een broedstal vond en er tal van dierfiguren maakte.)

Zijn werk werd goed verkocht, maar fortuin maakte Rembrandt Bugatti niet gelukkig. Hoofdpijnen, depressies en ten slotte een ongelukkige liefde dreven hem, 31 jaar oud, in 1916 tot zelfmoord.

Het portret in het Singer Museum, een ets van Walter Vaes uit de collectie-Groeneveld, is dus kort daarvoor gemaakt. Vandaar de troosteloze blik, afgewend van het leven.