Particulieren krijgen ƒ 250 vergoeding wateroverlast

DEN HAAG, 19 JUNI. Particulieren die onkosten hebben gemaakt bij de bescherming van hun huisraad tegen de wateroverlast begin dit jaar, krijgen alsnog een vergoeding van 250 gulden. Het kabinet heeft daartoe, na aandringen van de Tweede Kamer, besloten.

Ongeveer 4.500 huishoudens hadden bij de wateroverlast maatregelen getroffen om mogelijke waterschade zoveel mogelijk te beperken. Het betrof bijvoorbeeld de huur van zandzakken en de tijdelijke opslag van inboedels. De PvdA'er Huys wees er tijdens een overleg in de Tweede Kamer twee weken geleden op dat veel burgers in het rivierengebied kosten hebben gemaakt om hun spullen in veiligheid te brengen en die kosten niet vergoed hebben gekregen, terwijl “wie Gods water in eigen keuken liet lopen wel geld kreeg”.

Gedupeerden ouder dan 65 jaar ontvingen al wel een bedrag voor de kosten van de preventieve maatregelen. De fracties van PvdA, CDA, VVD en D66 vonden echter dat er geen onderscheid naar leeftijd mocht zijn. Het kabinet is nu aan deze wens tegemoet gekomen en heeft een bedrag van rond de vijf miljoen gulden vrijgemaakt. Eerder maakte het rampenfonds bekend op grond van de eigen statuten geen vergoeding te kunnen geven.

Wie meer dan 250 gulden heeft uitgegeven voor beschermende maatregelen kan dit declareren, mits facturen worden overlegd.

Limburg krijgt van het rijk 30 miljoen gulden meer voor de aanleg van kades langs de Maas. Aanvankelijk zou de provincie 125 miljoen gulden krijgen voor de aanleg van 160 kilometer kade als eerste maatregel tegen overstromingen van de Maas, maar deze kostenraming bleek aan de krappe kant.

Gedeputeerde Staten van Limburg zijn ingenomen met de hogere bijdrage. Gedeputeerde dr. J. Schrijen en minister Jorritsma van verkeer en waterstaat hebben gisteren over de financiering overlegd. Met de hogere bijdrage is volgens Gedeputeerde Staten een solide basis gelegd voor de vaststelling van de kadeplannen.