Christian en Alexander Selk worden nauwlettend gevolgd bij NK turnen; Ma Selk: kok, chauffeuse en cameravrouw

EMMEN, 19 JUNI. De souplesse en het gemak waarmee Marijke Selk de camera bedient, verraden ervaring. Filmen heeft ze vaker gedaan. “Sorry, ik moet weer even”, klinkt het verontschuldigend als ze opnieuw het video-apparaat naar haar rechterschouder brengt en het gesprek tijdelijk stilvalt. “Maar niet weggaan hoor.”

Nauwkeurig registreert moeder Selk vanaf de tribune in Sporthal Angelslo de gracieuze verrichtingen van haar turnende zoons, Alexander (20) en Christian (23). Van vloer tot rekstok, van voltige-paard tot ringen. Alle artistieke kunsten die Nederlands beste gymnasten zaterdag tijdens de NK in Emmen op de zes onderdelen van de meerkamp vertonen, worden gevangen door haar lens. “Die jongens willen achteraf hun fouten zien. Fouten, niets anders. Alleen daar leren ze van”, verklaart moeder Selk gedecideerd terwijl ze inzoomt op de brug met gelijke leggers waar de uiteindelijke winnaar Christian zich opmaakt voor zijn voorlaatste oefening.

Marijke Selk is meer dan een toegewijd moeder. Haar leven staat al ruim zestien jaar in het teken van de turnloopbaan van haar breedgeschouderde zoons. Als kok, chauffeuse, maatschappelijk begeleidster, secretaresse, kortom als manusje-van-alles is zij de drijvende kracht achter de prestatiereeks van de jeugdige gymnasten. “Ik hou ze nuchter en scherp. En scherm ze een beetje af, hoewel ze onderhand oud en wijs genoeg zelf hun beslissingen te nemen. Ik heb er nooit voor geleerd, maar pr-werk is op mijn lijf geschreven”, lacht ze.

Want ook al delen de onafscheidelijke turnbroers tegenwoordig een eenkamer-appartement in Arnhem, vanuit het ouderlijk huis in Deventer houdt moeder Selk hen nauwlettend in de gaten. Gewapend met de video-camera vergezelt ze haar zoons drie keer in de week naar de trainingen op sportcentrum Papendal. Daarnaast onderhoudt ze regelmatig contact via de fax. “Omdat de telefoonkosten wel erg hoog opliepen.” Blij is ze als beiden op vrijdagavond op de stoep staan voor een weekendje-thuis.

“Ach, eigenlijk bemoei ik me met alles, behalve met het technische gedeelte. Daar hebben ze hun coach voor.” Ze kunnen ook moeilijk zonder begeleiding, betoogt ze. Iemand moet het doen, want “de turnbond schiet tekort”. Bovendien nemen studieverplichtingen en trainingsarbeid, dertig uur in de week, al hun tijd in beslag. “De combinatie sport-studie blijft het eeuwige probleem voor iedere topturner. Zeker in Nederland, waar iedereen als eerste vraagt hoe het op school gaat.”

Haar stem klinkt verbitterd. Ze beklaagt zich over het gebrek aan waardering en respect, over de bekrompen sportcultuur in Nederland en de vermeende sportverdwazing van de familie Selk. “Soms denk ik inderdaad wel eens: 'Waren we maar elders geboren'. Het liefst had ik gezegd: 'Jongens, stop maar even met de studie. Die financier ik later wel'. Maar ja, rijk zijn we niet.”

Daarom is de realiteit anders, constateert ze berustend. Zo zat Christian afgelopen week tot diep in de nacht achter zijn studieboeken voor een aantal tentamens. Van slapen kwam niet veel. Maar de inspanningen van de oudste Selk werden beloond, zowel op studie- als op turngebied. En dat terwijl Alexander er dit jaar in zijn laatste havo-jaar weinig van bakt. “Hij is bezig aan zijn tweede puberteit.” Het typeert haar beide zoons, zegt ze. Alexander is de wispelturige dromer en Christian de hardwerkende streber. “Dat fanatieke heeft hij van mij.”

Zelf was ze in haar jonge jaren een verdienstelijke balletdanseres. Maatschappelijke redenen dwarsboomden een sportieve carrière. Maar daarmee is niet gezegd dat ze nu alsnog haar onvervulde dromen najaagt. “Ze zijn altijd vrij geweest in hun keuze. Ik vind alleen dat wat je doet, je ook goed moet doen.”

Bij het belangrijkste evenement waar beiden dit najaar aan deelnemen - de WK in Japan met als inzet een plaats bij de beste negen en daarmee een startbewijs voor de Olympische Spelen - moet moeder Selk om financiële redenen verstek laten gaan. Ze betreurt het, maar klampt zich vast aan de wetenschap dat ze steun aan elkaar hebben. “Ze presteren altijd beter in elkaars aanwezigheid.”

Dat zal nodig zijn. Hoewel de Selks met hun keuze-oefeningen internationaal meetellen, schort het aan de verplichte oefenstof. “Daar moeten we de komende maanden hard aan werken”, zegt bondscoach Jesus Hernandez die met beide pupillen over twee maanden naar Azië vertrekt. Het is uitgesloten dat de turnbroers samen worden afgevaardigd naar Atlanta. In Japan is slechts één wildcard per land te verdienen. “Een reglementaire beperking”, verzucht Hernandez.

Moeder Selk maalt er niet om. “Lukt het nu niet, dan over wel over vier jaar. En eerlijk gezegd denk ik dat in Sydney pas hun top ligt.” Vooralsnog is ze apetrots op haar zoons. “Weet je waar ik het meest trots op ben? Die broederliefde. Ze hebben alles voor elkaar over. Als moeder is dat het mooiste wat er is.”