Detawerkers - value voor minder money

John Werdmüller von Elgg, 37 jaar, was een van die nieuwe werknemers die houden van afwisseling, uitdagingen, verantwoordelijkheid en vooral vrijheid. Na een studie bedrijfseconomie ging hij bij accountantsfirma Coopers & Lybrand werken. Hij combineerde een baan als assistent-accountant met een postdoctorale studie accountancy te Groningen. Het viel Werdmüller op dat het controleren van boeken een seizoenmatige activiteit is. Ondernemers willen een goedkeurende verklaring voor hun jaarrekening steeds vroeger in het jaar hebben, met het gevolg dat accountants in het voorjaar vele overuren draaien. “Je zou geld kunnen verdienen door deze produktiepiek op te vangen met flexibele werknemers, die gedurende enkele maanden van het jaar worden ingehuurd”, bedacht Werdmüller toen al.

Hij zou geen nieuwe werknemer zijn als hij lang bij zijn eerste baas zou blijven hangen. Na twee jaar stapte Werdmüller, met de afkorting R.A. van registeraccountant achter zijn naam, over naar ICL, waar hij een jaarcontract als informatieanalist kreeg. “Accountancy heeft in toenemende mate met informatica te maken”, verklaart Werdmüller zijn overstap. “Ik wilde weten wat er met computers allemaal mogelijk is.” Al gauw was hij ook hier weer uitgekeken en dus veranderde hij opnieuw van richting. Hij kwam als controller terecht bij Asko, een dochter van een Amerikaans bedrijf dat gereedschappen voor de staalindustrie maakt. Bij Asko viel het Werdmüller op hoeveel voorbereidend werk controllers doen voor accountants. De letterlijke vertaling van control is besturen. De controller helpt besluitvormers met het nemen van besluiten door hen te voorzien van de juiste financiële informatie. Dat vergt meer kwaliteiten en opleiding dan die waarover de doorsnee boekhouder bij een klein- tot middelgroot bedrijf met 60 tot 80 werknemers beschikt. Controllers spreken dezelfde taal als accountants. Als zij het voorbereidende werk voor de accountantscontrole goed doen, hoeft de accountant er alleen nog maar even met de vinger langs te gaan. Dat bespaart dure accountantsuren. Als kleine bedrijven gedurende een paar weken of maanden per jaar een controller van een detacheringsbureau kunnen inhuren, zijn ze per saldo veel goedkoper uit, zo redeneerde Werdmüller. Hij had zijn ondernemingsplan gereed. December 1993 begon hij voor zichzelf. Eerst onder eigen naam vanuit huis, later in een sjiek kantoorpand in Osdorp onder de naam Adforce, 'de kracht van flexibele arbeid'.

Werdmüller leerde een paar bedrijfsontwikkelaars kennen, die hem voorzagen van de eerste klanten. Twee ervaren ondernemers waren bereid geld in zijn jonge bedrijf te steken. Zij hebben zelf een detacheringsbureau voor technische specialisten. Detachering is een vorm van uitlenen, waarbij goed opgeleide arbeidskrachten een vast dienstverband voor de duur van een project hebben. Detawerkers worden ze wel genoemd, ter onderscheiding van de flexiwerkers die aanzienlijk minder zekerheid en geen vast dienstverband hebben. Detawerkers zijn gebonden en toch vrij. Niet zelden nemen ze na afloop van een project voor langere tijd vakantie om een flinke reis te maken. De te verrichten klussen vergen creativiteit en probleemoplossend vermogen.

Met detawerkers vult Werdmüller zijn gat in de markt. “Vanaf een bepaalde omvang is een jaarrekening verplicht”, zegt Werdmüller. “Bedrijfjes met 60 tot 80 werknemers zien een paar maal per jaar de assistent-accountant van een grote accountantsfirma over de vloer komen, waarna ze een ongespecificeerde rekening met vijf cijfers krijgen. Die ondernemers vragen zich in toenemende mate af wat ze voor dat geld terugkrijgen.” De grote accountantsfirma's worden met deze ontevredenheid geconfronteerd en gaan (de concurrentie is ook hier moordend) tegen lagere tarieven, onder tijdsdruk steeds minder toegevoegde waarde leveren. Met als gevolg: nog grotere ontevredenheid onder de klanten. De overhead van de grote accountantskantoren drukt zwaar. De controleurs met hun vaste dienstverbanden moeten immers ook in de slappe maanden van het jaar gewoon worden doorbetaald, evenals de dure kantoorpanden waarin ze gehuisvest zijn.

Tegen deze ontevredenheid bij klanten en het onvermogen van grote accountantsfirma's om hun kosten te drukken en value for money te leveren brengt Werdmüller zijn bedrijf Adforce in stelling. Adforce leent controllers voor beperkte tijd uit. De overhead is gering en de kosten zijn dienovereenkomstig laag. Door Adforce in te schakelen krijgen kleinere bedrijven de beschikking over goed opgeleide controleurs, die dure accountants veel werk uit handen nemen. Tel uit je winst. Werdmüller rekent voor hoe een middelgrote produktie-onderneming met 25 miljoen omzet en 80 werknemers per jaar 15.000 gulden op accountantskosten kan besparen. Daarbij heeft hij alles meegerekend: werkgeverslasten, 25 procent winstmarge. Het verschil zit hem niet zozeer in het betaalde loon. De gedetacheerde controller verdient op basis van een 40-urige werkweek 7000 gulden per maand. De assistent-accountant van een groot accountantskantoor wordt voor 100 gulden per uur ingezet. Maar komt er een vennoot aan te pas, dan lopen de kosten van de accountantsfirma al gauw op naar 400 gulden per uur. Werdmüller heeft inmiddels 20 detawerkers van HBO- en academisch niveau in dienst. Mensen zoals hij, die houden van afwisseling, uitdagingen, verantwoordelijkheden en vooral vrijheid.