Bosnische logica

In een streng logisch betoog geeft de Britse strateeg Charles Dobbie de verklaring voor de mislukking van de zg. peacekeeping operatie door UNPROFOR (NRC Handelsblad, 8 juni). Dobbie stelt dat vooral schending van het principe van de onpartijdigheid de oorzaak van de mislukking van UNPROFOR is, en stelt de Westerse leiders daarom hiervoor verantwoordelijk.

Dobbie vergeet de belangrijkste voorwaarde voor een succesvolle vredesoperatie te vermelden, nl. de bereidheid van de oorlogspartijen om te onderhandelen over een compromisvrede. In Bosnië bestaat deze bereidheid niet. Dat ligt aan het feit dat één van de partijen zich te buiten is gegaan aan barbaarsheden die de laatste halve eeuw voor onmogelijk werden gehouden: de 1 miljoen Servische rebellen hebben meer dan honderdduizend niet-Serviërs uitgemoord en meer dan een miljoen niet-Serviërs op de vlucht gejaagd. De andere partij, de honderdduizend soldaten van het Bosnische regeringsleger, moeten machteloos toezien hoe de zogeheten etnische zuiveringen doorgaan en hoe de burgerbevolking in de zg. beveiligde gebieden wordt uitgehonderd en geterroriseerd door sluipschutters en willekeurige artilleriebeschietingen. Zij zijn machteloos wegens het wapenembargo.

De oplossing van de Bosnische oorlog ligt niet in herstel van de onpartijdigheid door de VN, zoals Dobbie bepleit. Met Karadzic c.s. valt niet te praten. Er is nog maar één optie over: de consequente militaire aanpak. Het wapenembargo tegen Bosnië moet worden opgeheven en Bosnië moet door alle NAVO-landen die mee willen doen voorzien worden van zware wapens. Tegelijkertijd moeten de UNPROFOR-troepen zich concentreren in goed verdedigbare posities. Zij dienen achter het oprukkende Bosnische leger het burgerlijk bestuur tijdelijk in handen te nemen om oorlogsmisdaden tegen de Servische bevolking te beperken. Hulp aan de burgerbevolking dient te worden overgelaten aan particuliere organisaties, uiteraard met financiële overheidssteun uit de buitenwereld.