Beckmann is hoekig en Brecht blijkt soepel

Voorstelling: Was bist Du? Was bin Ich? Een ontmoeting van Beckmann en Brecht. Tekst: Dicky van der Zalm; regie: Meindert Theunisz; spelers: Anne Balázs, Linda Bouman. Gezien 13/6 Muiderpoorttheater, Amsterdam. Te zien 29,30/6 aldaar. Daarna tournee.

In kleine zalen ontdekken we vaak verrassingen. In het Amsterdamse Muiderpoorttheater klonk de afgelopen week precies dezelfde muziek als in het Koninklijk Theater Carré: Die sieben Todsünden van Bertolt Brecht en Kurt Weill. Terwijl in Carré de dansers en danseressen van Pina Bausch zich agressief en onstuimig door Weills compositie lieten opzwepen, werden in het Muiderpoorttheater de liederen van Brecht met beheerste melancholie gezongen door Anne Balázs.

Was bist Du? Was bin Ich? is een voorstelling die het midden houdt tussen het cabaret uit de Berlijnse jaren dertig en een college kunstgeschiedenis. De vormgeving wordt gedicteerd door reusachtig uitvergrote dia's van de zelfportretten van de schilder Max Beckmann (1884-1950), waarin de de schilder een steeds wanhopiger uiting geeft aan zijn door beklemmende visioenen gekwelde gemoed. Tegelijkertijd kijkt hij ons vanaf die portretten onderzoekend en uitdagend aan: het zelfportret als spiegel van niet alleen zijn ziel, maar ook de onze.

Toch is de uitvoering vrij van naargeestigheid. Actrice en zangeres Anne Balász, op de piano begeleid door Linda Bouman, ondersteunt de dramatische reeks schilderijen met liederen van Brecht/Weill, van het beroemde Seeräuber Jenny tot tot Nanna's Lied met het hartbrekende refrein over verdriet en het voorbijgaan van de tijd.

Wat Brecht en Beckmann bindt, is hun ballingschap tijdens de nazi-periode. Wat de beide kunstenaars ver van elkaar doet staan, is hun opvatting over kunst. Brecht wenste de wereld te verbeteren; zijn inzet voor het theater is een didaktische. Voor Beckman bestond er überhaupt geen politieke kunst, alleen kunst. In een fel gespeelde scène waarin deze gedachten met elkaar botsen, maakt Beckmann (gespeeld door Anna Balázs) onontkoombaar duidelijk dat alles wat hem beweegt zijn persoonlijke ervaringen zijn.

Wie is Brecht? Wie is Beckmann? Eenduidige antwoorden zijn er natuurlijk nooit. Brecht lijkt zich, naar de teneur van de voorstelling, soepel door het leven te bewegen. Beckmann niet, en zo schilderde hij zichzelf: een hoekige, gekooide man, te groot, te tragisch voor deze wereld.