Toekomstvisies

In CS Literair (19-5) schrijft H.J.A. Hofland over een enige jaren geleden gehouden tentoonstelling over Nederland in de toekomst. Waarschijnlijk bedoelt hij Nieuw Nederland 2050 (Beurs van Berlage, 1987). Daar gaven prominente planologen vier toekomstvisies over de ruimtelijke ontwikkeling.

Op die expositie lag een boek waarin bezoekers hun indrukken van het gebodene konden geven. Van 80 van hen heb ik de reacties genoteerd en geanalyseerd. Een minderheid vond de expositie “wel interessant, hoewel soms wat onrealistisch” of “creatief, stimulerend”. Een duidelijke meerderheid was sterk afwijzend. Dat betrof zowel de presentatie (“onoverzichtelijk, te veel lawaai”) als de inhoud.

Typerende reacties waren: “Als het er in de toekomst zó uitziet, hoop ik dood te zijn”, en “Gelukkig hoef ik deze ellende niet meer mee te maken”. Een en ander was de zoveelste indicatie van de kloof tussen de planners en de meerderheid van hun publiek.

Dit is erg genoeg, maar erger vind ik dat nergens is gebleken dat de makers van deze tentoonstelling de commentaren van bezoekers hebben bestudeerd, laat staan dat ze zich er iets van hebben aangetrokken.

Hadden ze dit wel gedaan, dan had dit kunnen bijdragen aan de door de heer Hofland gewenste bewustwording over de toekomstige inrichting van Nederland