Spionagechef Spanje weg na afluisterzaak

MADRID, 16 JUNI. De Spaanse premier Felipe González heeft gisteren het ontslag geaccepteerd van de directeur van de militaire inlichtingendienst (CESID), luitenant-generaal Emilio Alonso Manglano. De topman van de spionagedienst wordt verantwoordelijk gesteld voor het jarenlang afluisteren van politici, ondernemers, journalisten.

De dienst onderschepte ook telefoongesprekken van koning Juan Carlos en zijn naaste vriendenkring. Hoewel de opnames volgens de dienst “nooit zijn gebruikt”, werd deze week duidelijk dat het materiaal ook buiten de inlichtingendienst circuleert.

Ondanks het vertrek van Manglano groeit de politieke druk voor het aftreden van vice-premier Narcis Serra en minister van defensie García Vargas. Linkse en rechtse oppositiepartijen hebben om het vertrek van beide ministers gevraagd. De conservatieve oppositieleider José Maria Aznar verklaarde vanochtend bereid te zijn “onmiddellijk” een motie van wantrouwen tegen het minderheidskabinet-González in te dienen als zo'n motie op een meerderheid in het parlement kan rekenen. Maar ook binnen de sociaal-democratische regeringspartij (PSOE) heeft het afluisterschandaal geleid tot een crisis. Een meerderheid van de partijtop eiste gisteren het aftreden van de 'eigen' vice-premier en minister van defensie.

Serra zei gisteren echter dat er “op dit moment” geen sprake was van zijn aftreden en dat van Vargas. Eerder deze week heeft Vargas - tevergeefs - zijn ontslag aangeboden.

Serra, die sinds het aan de macht komen van de PSOE in 1982 deel uitmaakt van de opeenvolgende kabinetten González, geldt als de rechterhand van de premier. Tot 1991 was hij als minister van defensie verantwoordelijk voor de militaire inlichtingendienst. Volgens Serra heeft de regering nooit opdracht gegeven tot de afluisterpraktijken die de afgelopen dagen aan het licht werden gebracht door het Spaanse dagblad El Mundo.