Tsjetsjenen overvallen stad in Zuid-Rusland, 200 gijzelaars

MOSKOU, 15 JUNI. Rond honderd zwaarbewapende mannen, vermoedelijk Tsjetsjenen, hebben de stad Boedjonnovsk in het zuiden van Rusland overvallen. Ze hebben honderden mensen in gijzeling genomen en eisen de aftocht van het Russische leger uit Tsjetsjenië. Bij de actie zijn zeker 43 doden gevallen. Rusland heeft zijn troepen in het gebied in staat van paraatheid gebracht en de stad omsingeld.

De in camouflagepakken gestoken overvallers trokken Boedjonnovsk - een stad met 100.000 inwoners op 120 kilometer van de grens met Tsjetsjenië - gisteren binnen met twee vrachtwagens, twee bussen en een gestolen politieauto, en openden de aanval op diverse overheidsgebouwen. De actie was kennelijk goed voorbereid. Ze traden op in groepen van tien tot vijftien man en waren uitgerust met kalasjnikovs, granaatwerpers en radio's. Bij urenlange gevechten met soldaten en de politie vielen talrijke doden. Volgens voorlopige schattingen kwamen zeker zeventien burgers, twaalf politiemannen en soldaten en acht overvallers om het leven. De Russische televisie toonde beelden van brandende huizen en auto's, van overvliegende helikopters en van op straathoeken verschanste militairen. Op straten en pleinen lagen doodgeschoten burgers. Er werden 56 burgers gewond, evenals negen politiemannen, een soldaat en een van de overvallers. Volgens de regering gaat het bij de gewonde om een Tsjetsjeen.

Volgens de Russische regering trokken de overvallers schietend en brandstichtend door de stad, schoten ze op mensen op straat en trachtten ze burgers met hun auto's te overrijden. Ook zouden ze vanaf een nabijgelegen heuvel op burgers hebben geschoten. Het persbureau ITAR-TASS meldde dat de overvallers van plan zijn of waren een chemische fabriek in Boedjonnovsk op te blazen, wat zou resulteren in “een milieuramp”.

De overvallers namen rond driehonderd mensen in gijzeling en eisten de aftocht van het Russische leger uit Tsjetsjenië; als dat niet zou gebeuren zouden ze hun gijzelaars een voor een doodschieten. Ze posteerden sluipschutters op daken om de politie en soldaten op een afstand te houden. Hoeveel gijzelaars ze precies in handen hebben is onduidelijk. Een woordvoerder van de veiligheidsdienst FSB hield het op tweehonderd mensen, anderen op driehonderd. Vanochtend werd door vice-premier Soskovets gemeld dat de overvallers zestig gijzelaars vasthouden in het ziekenhuis van Boedjonnovsk en honderd anderen in het stadhuis.

Pag.5: Doedajev 'weet van niets'

Het persbureau Interfax maakte melding van een groep gijzelaars, onder wie kinderen, die door de overvallers in een bus naar een plaats ten zuiden van Boedjonnovsk zouden zijn overgebracht. Een aantal van de oorspronkelijke overvallers heeft zich met een bus teruggetrokken in de richting van Mineralnje Vody. Alle luchthavens in het gebied zijn gesloten.

De chefarts van het ziekenhuis heeft in een telefoongesprek laten weten dat de overvallers hebben gedreigd zijn ziekenhuis op te blazen als president Jeltsin en premier Tsjernomyrdin niet onmiddellijk besprekingen beginnen met de Tsjetsjeense president, Doedajev.

Doedajev zelf heeft vanuit zijn geheime schuilplaats in Tsjetsjenië gemeld niets met de actie te maken te hebben. Volgens zijn woordvoerder is “de terreurdaad” in Boedjonnovsk “een nieuwe provocatie van Moskou die ten doel heeft de toestand in de noordelijke Kaukasus te destabiliseren”. Westerse waarnemers in Moskou menen dat het bij de overval kan gaan om Tsjetsjenen die op eigen houtje opereren en niet onder Doedajevs bevel staan. Aan de andere kant heeft Doedajev herhaaldelijk gedreigd de onafhankelijkheidsstrijd van de Tsjetsjenen in Rusland zelf te zullen voortzetten. Eerder deze week, toen de Russen erin waren geslaagd zijn laatste bolwerken te veroveren, zei hij dat de strijd “met andere middelen” wordt voortgezet en dat Rusland “in de hel zal branden” wegens de militaire campagne in Tsjetsjenië.

De actie is voor zover bekend de omvangrijkste terroristische actie in de recente geschiedenis van Rusland. “Zoiets hebben we nog nooit gezien”, zei een woordvoerder van het ministerie van binnenlandse zaken in Moskou. President Jeltsin is volgens een uitgegeven verklaring “diep bezorgd” en heeft minister van binnenlandse zaken Jerin en FSB-chef Stepasjin naar Boedjonnovsk gestuurd. (Reuter, AP, AFP)