Steriele kweekzalm geen concurrent voor wilde zalm

De wilde zalm krijgt het steeds moeilijker. Op meer en meer plaatsen wordt hij verdrongen door gekweekte zalmen, die uit viskwekerijen zijn ontsnapt. Volgens schattingen van de Noorse autoriteiten verdwenen vorig jaar tussen de 500.000 en 700.000 gekweekte zalmen uit de netten. Van alle zalm die in de Noorse kustwateren werd gevangen bleek, 34 procent uit viskwekerijen afkomstig. (Vaak scheuren de netten bij stormachtig weer, maar het schijnt ook niet ongebruikelijk te zijn, dat de kweker die ontsnappingen bij slecht weer zelf in scène zet om voor een wat mindere partij vis, waar hij wel vanaf wil, de verzekeringsvergoeding wegens stormschade te incasseren.) De gekweekte zalmen zijn groter en sterker. Op den duur ziet het er voor de wilde zalm dan ook somber uit. Voor zijn uitsterven wordt gevreesd. Schotse onderzoekers hebben zelfs al bastaarden aangetroffen tussen kweekzalm en wilde forel.

Biotechnologen hebben hiervoor een oplossing bedacht. Volgens New Scientist (27 mei) werken zes onderzoeksteams uit vijf landen - België, Frankrijk, Ierland, Groot-Britannië en Noorwegen - aan een methode om kweekzalmen genetisch zo te manipuleren, dat ze zich in gevangenschap normaal kunnen voortplanten, maar steriel zijn als ze ontsnappen. Ze kunnen dan niet meer met de wilde zalm bastaarderen.

Doel van het onderzoek is het 'fokken' van steriele kweekzalm. Het is dan wel wenselijk om die steriliteit desgewenst weer ongedaan te kunnen maken. Het idee is, om bij de kweekzalm een bepaald gen in te bouwen dat de produktie verhindert van het gonadotropin releasing hormone (GnRH). Zonder dit eiwithormoon zijn zowel de mannetjeszalm als de vrouwtjeszalm steriel. De vruchtbaarheid keert terug na toediening van een dosis van het gezuiverde hormoon, in de vorm van een injectie of via het visvoer.

Hiervoor wordt gebruik gemaakt van een vrij nieuwe techniek, de anti-sense RNA-techniek. Bij de normale gang van zaken wordt de informatie over hoe de eiwitten gemaakt moeten worden van de genen in de celkern overgebracht naar de ribosomen, de 'eiwitfabriekjes' van de cel, door het boodschapper-RNA. Als men dit boodschapper-RNA blokkeert, 'komt de boodschap niet meer over' en maken de ribosomen het betreffende eiwit dus niet meer aan. Het boodschapper-RNA kan worden geneutraliseerd door er anti-sense boodschapper RNA, met precies de tegenovergestelde genetische code, op los te laten. Noorse onderzoekers hebben het gen inmiddels gekloond, Franse onderzoekers zijn van plan om het gemodificeerde gen in zalmeitjes te injecteren. Er wordt nog gezocht naar een geschikte promotor (de 'aanschakelaar' die het gen op het juiste moment tot expressie brengt). De onderzoekers willen er het liefst eentje die niet alleen bij zalm maar ook bij andere gekweekte vissoorten bruikbaar is. Het project zal nog zeker twee jaar duren.

De nieuwe techniek trekt speciale belangstelling bij onderzoekers die zich bezig houden met het manipuleren van vissen met groeihormonen. Vorig jaar maakten Canadese onderzoekers bekend dat ze een zalm hadden 'ontworpen' die elf maal groter was dan normaal. Als zulke genetisch gemanipuleerde vissen ontsnappen, kunnen de ecologische gevolgen dramatisch zijn. Daarom zou het veiliger zijn als viskwekers in de toekomst alleen met steriele vis werken.