Het laatste woord over de drie deuren

Velen menen dat de uitleg van het Drie-Deuren-Probleem in mijn reactie van 1 juni jl. verkeerd is, omdat ik over het hoofd zou hebben gezien dat de quizmaster in het eerste geval (prijs ligt achter deur A, kandidaat kiest aanvankelijk voor deur A) twee mogelijkheden heeft om een deur te openen: immers, zowel achter deur B als achter deur C ligt niets. Er is echter een kans van 50% dat de quizmaster de betreffende deur kiest en deze twee mogelijkheden tellen dus elk maar voor de helft mee.

Wie nog altijd problemen heeft met de uitkomst van het Drie-Deuren-Probleem, rest wat mij betreft nog maar één ding, en dat is het experiment zelf een groot aantal keer uit te voeren (zie de brief van Den Dulk uit Wageningen). Een alternatief is datzelfde door een computer te laten doen en dus, met andere woorden, het geheel te simuleren, iets wat ook professor Cramer uit Vinkeveen blijkens zijn brief heeft gedaan. Natuurwetenschappers doen dat vaker wanneer ze snel inzicht willen krijgen in een bepaald probleem. Bij mij valt op te vragen een Pascal-programma, geschreven door Wouter Koot uit Voorhout, waarmee het experiment een vooraf op te geven, willekeurig aantal malen kan worden 'uitgevoerd'. Aan de hand daarvan zal snel duidelijk worden dat de kans op een prijs ècht twee keer zo groot is als je wisselt.