'Helpercellen' blijken suikerzieke muizen niet te helpen

Bij suikerziekte (diabetes mellitus), een auto-immuunziekte, wordt de insulineproduktie in de alvleesklier vernietigd door verschillende populaties leukocyten, waaronder diverse soorten T-cellen.

Tot nog toe veronderstelden onderzoekers, mede op grond van experimenten met muizen, dat van de twee aangetroffen hoofdgroepen van T-cellen de eerste categorie T-helpercellen (T1) dit type diabetes zou bevorderen, terwijl de tweede categorie T-helpercellen (T2) er juist tegen zou beschermen. Franse en Amerikaanse microbiologen hebben deze theorie nu experimenteel getoetst. Ze kweekten beide soorten T-helpercellen op in mutante muizenstammen en dienden ze vervolgens toe aan pasgeboren suikerzieke muizen. Beide typen T-helpercellen drongen de eilandjes van Langerhans binnen, maar alleen de T1-cellen bleken een schadelijke auto-immuunrespons op te roepen. De T2-cellen daarentegen bleken, anders dan tot nog toe algemeen werd aangenomen, geen enkele invloed te hebben op de loop van de diabetes en ook geen bescherming te bieden tegen de door de TH1-cellen opgeroepen schade. (Science, 26 mei 1995)