Gekweekte biodiversiteit

'Cattle Breeds, an Encyclopedia', Marleen Felius. Misset uitgeverij, Doetinchem, 1995, 799 pp. ISBN 90-5439-017-4 (gebonden), prijs: ƒ 295,-. De Nederlandstalige versie 'Rundveerassen van de wereld' kost ƒ 245,-. Tijdens de tentoonstelling is het boek voor ƒ 195,- te koop.

Tentoonstelling: Kunsthal, Rotterdam, Westzeedijk. Tot 3 juli.

Een boek van 799 bladzijden, met een gewicht van 3,7 kilo en met maten groter dan het A4 formaat, geheel gewijd aan koeien - dat moet een levenswerk zijn. De Rotterdamse kunstenares Marleen Felius heeft met Cattle Breeds, an Encyclopedia een prestatie van formaat geleverd, en dat niet alleen omdat het boek zo ongewoon fors van omvang is. Van de meer dan 800 runderrassen die de wereld kent zijn er meer dan 700 afgebeeld en beschreven. De afbeeldingen en de tekst vormen een evenwichtig geheel.

Bij veel wetenschappelijke literatuur vormen de illustraties niet meer dan een aanvulling op de tekst en bij boeken in het populaire genre is de tekst vaak niet meer dan een onbeholpen poging om de foto's met elkaar te verbinden. Felius is er in geslaagd om de aquarellen en de rasbeschrijvingen tot een eenheid samen te smeden.

De aquarellen zijn bij nadere beschouwing van een trefzekere eenvoud: contouren van oostindische inkt die met grove vegen waterverf tot leven worden gebracht. Ze verraden de artistieke achtergrond van de maakster. Het zijn illustraties met een kunstzinnig karakter, reden voor de Rotterdamse Kunsthal er een tentoonstelling aan te wijden. De tekst van 'Cattle Breeds, an Encyclopedia' is van Marleen Felius, aanvankelijk in het Engels geschreven, maar voor de Nederlandse markt is er een vertaling van gemaakt.

De hoeveelheid informatie die de tekst biedt is encyclopedisch, dus de titel van het boek wekt geen onterechte verwachtingen. Van het ene ras is natuurlijk meer informatie voorhanden dan van het andere, maar toch heeft Felius kans gezien om zelfs over de meest afgelegen rassen nog wetenswaardigheden te verzamelen.

De meeste runderrassen zijn nog jong - vele zijn niet ouder dan honderd jaar. En ook zijn al veel rassen uitgestorven, doordat ze in onbruik raakten, of doordat ze weer zijn weggekruist met andere rassen. In sommige landen, waaronder Nederland, zijn inmiddels stichtingen of verenigingen actief met het behouden van bedreigde runderrassen (en ook rassen van andere huisdieren).

Daarmee raken deze aquarellen en dit boek een bijzonder punt: de discussie waar de grens ligt tussen de natuur en de cultuur. In 1993 werden 4629 (levende) soorten zoogdieren beschreven, van muis tot potvis, van kangoeroe tot vleermuis. Binnen die soorten worden veelal ondersoorten onderscheiden, maar dat zijn er meestal maar enkele. Bij huisdierrassen gaat het daarentegen om grote aantallen. Het aantal van ruim 800 runderrassen is enorm, en dan zijn er ook nog honderassen, paarde- en ponyrassen, katten, geiten, schapen, kamelen en konijnen. De natuurlijke rijkdom is dus door de mens in een periode van enkele eeuwen aangevuld met een misschien nog grotere cultuurlijke rijkdom. De behoudsdiscussie van dat laatste moet nog goed op gang komen.

Het is voor iedereen duidelijk dat een tropisch oerwoud tot de natuur behoort en dat de binnenstad van Amsterdam een cultuurvoortbrengsel is, een door de mens gemaakte omgeving. Ergens tussen die uitersten bevinden zich heidevelden, grienden, het Groene Hart en de Oostvaardersplassen. Het zijn door de mens voortgebrachte omgevingen. Niettemin worden heidevelden, grienden en de Oostvaardersplassen ervaren als natuur en spannen we ons in deze te behouden.

Terecht maken we ons zorgen over de toekomst van de grote panda, de neushoorns, de tijgers en het leeuwaapje. Het zou een grote verarming zijn als die soorten zouden uitsterven. Er zou ook een evolutielijn van tientallen miljoenen jaren mee verloren gaan.

Er zijn zoals gezegd ook mensen die zich zorgen maken over de toekomst van het Zeeuwse trekpaard, het Drentse heideschaap, de Zuidhollandse bonte geit en de lakenvelder koe. En - om niet alleen in de zoölogie te blijven - het sterappeltje. Ook hun teloorgang is een verarming van ons landschap. En er komt een eind aan een foklijn van vaak niet meer dan 100 jaar.

Is dat erg of niet? Moeten we pitbullterriërs blijven handhaven uit cultuurhistorisch oogpunt? Zeeuwse trekpaarden dan soms wel? Knotwilgen knotten? Hoogstamboomgaarden bewaren? Heidevelden afplaggen op kosten van de Postcodeloterij? Of ze met behulp van Heck-runderen of Galloway-koeien tot bos laten dichtgroeien?

'Cattle Breeds, an Encyclopedia' levert aan deze discussie geen letterlijke bijdrage, maar het etaleren van de wereldwijde, door de mens gemaakte biodiversiteit binnen de diersoort koe geeft wel stof tot nadenken.