Eis Kamer aan rijksoverheid: Registratie van allochtonen moet vóór augustus

DEN HAAG, 15 JUNI. Een Kamermeerderheid van PvdA, VVD, D66, Groen Links en GPV wil dat alle onderdelen van de rijksoverheid vóór augustus gerapporteerd hebben hoeveel allochtonen zij in dienst hebben. Minister Dijkstal (binnenlandse zaken) kan dit echter niet toezeggen.

Dit bleek gisteravond tijdens een debat in de Tweede Kamer over de uitvoering van de op 1 juli 1994 in werking getreden Wet bevordering evenredige arbeidsdeelname allochtonen (WBEAA).

De meerderheid van de Tweede Kamer wil dat de overheid het goede voorbeeld geeft. Werkgevers in de particuliere sector krijgen van de Kamer tot 1 september de tijd om de WBEAA uit te voeren. De regeringspartijen, Groen Links en het GPV willen tot de evaluatie van de wet - medio 1996 - wachten voordat sterkere instrumenten worden ingezet. Daarbij wordt gedacht aan het louter nog verstrekken van overdrachtsopdrachten aan bedrijven die aan de wettelijke rapportageplicht voldoen en aan quotering (het precies voorschrijven hoeveel allochtonen bedrijven in dienst moeten hebben). Minister Melkert (sociale zaken) sluit niet uit dat al voor de evaluatie sancties worden genomen tegen “notoire weigeraars”. De maximale straf die op het niet rapporteren volgens de WBEAA staat is 25.000 gulden of 1 jaar cel.

Bedrijven en instellingen moeten op grond van de WBEAA elk jaar voor 1 juni een verslag deponeren bij de Kamer van Koophandel en Fabrieken, waarin onder meer wordt aangegeven hoeveel allochtonen men in dienst heeft. Uit een rapportage van de Vereniging van Kamers van Koophandel blijkt dat maar 1,8 procent van de bedrijven met meer dan 20 werknemers heeft gerapporteerd. Van de 13 ministeries hebben er slechts 4 aan de wettelijke verplichting voldaan.

Het CDA en de kleine christelijke partijen SGP en RPF vinden de wet niet zinvol als zoveel ondernemers, ook in de collectieve sector, de wet niet toepassen. Volgens deze partijen is intrekking van de wet de meest juiste oplossing. De overige partijen stelden zich vierkant achter de wet op. Kamerlid E. van Middelkoop verwoordde het gevoelen van het overgrote deel van de Tweede Kamer toen hij zei: “Wetten moeten worden nageleefd, ook al bevallen ze sommigen niet”.

Volgens minister Melkert (sociale zaken) “heeft de wet tijd nodig”. Hij wil zich daarom niet te veel fixeren op één datum. “Ik ben absoluut niet toe aan welke conclusie dan ook”, aldus Melkert gisteravond. Melkert zal “op de kortst mogelijke termijn” met werkgevers- en werknemersorganisaties overleg voeren over uitvoering van de wet. “Mij is bevestigd”, zei Melkert, “dat werkgevers eraan mee willen werken om op een zo goed mogelijke wijze gevolg te geven aan de ten uitvoerlegging van de wet”. Bij de behandeling van de begroting van sociale zaken in het najaar zal Melkert inzicht geven in de navolging van de wet op dat moment.