'Arts moet van donororganen kunnen afzien'

DEN HAAG, 15 JUNI. Een arts kan in uitzonderlijke gevallen afzien van het uitnemen van organen bij mensen die kenbaar hebben gemaakt dat ze voor orgaandonatie zijn.

Dit is volgens minister Borst (volksgezondheid) mogelijk als de nabestaanden orgaandonatie als “een drama” beschouwen en als orgaandonatie het rouwproces zou verstoren.

Borst zei vandaag tijdens een debat in de Tweede Kamer over het wetsvoorstel orgaandonatie dat de arts als 'goed hulpverlener' rekening dient te houden met buitengewoon emotionele reacties. “De arts moet de vrijheid hebben dat in te schatten en daar naar te handelen”, aldus Borst. “Maar hij moet zich niet zomaar van de sokken laten praten.” Het zelfbeschikkingsrecht wil de minister niet ten koste van alles vooropstellen. “De arts mag niet een situatie creëren dat hij groot leed berokkent. Het blijft een kwestie van zorgvuldigheid en subtiliteit.”

In het wetsvoorstel orgaandonatie is de invoering van een centraal donorregister geregeld. Aanvankelijk wilden Borst en haar collega Sorgdrager (justitie) alleen de mensen laten registreren die hun organen willen afstaan.

Omdat een meerderheid in de Kamer enkele maanden geleden voorstander bleek van een ruimere registratie, besloten beide bewindslieden het wetsvoorstel aan te houden en te wijzigen. In hun voorstel is nu sprake van een centraal donorregister waarin verschillende wensen over orgaandonatie worden vastgelegd. Iedereen vanaf achttien jaar krijgt na inwerkingtreding van de wet door de gemeente een formulier toegestuurd waarop men kan aangeven of men voor orgaandonatie is, daar bezwaar tegen heeft of een beslissing na overlijden wil overlaten aan de nabestaanden. De nabestaanden beslissen ook over orgaandonatie bij mensen die hun mening niet kenbaar hebben gemaakt. Het donorcodicil blijft geldig, ook als de betrokkene zich niet laat registreren.

Borst noemde het “acceptabel en zelfs noodzakelijk” dat de nabestaanden toestemming geven voor donatie bij mensen die bij leven niet hebben laten weten of ze hun organen willen afstaan. De minister sprak in dit verband van “de grijze groep”.

Tot nu toe maakte de VVD daar grote bezwaren tegen, onder verwijzing naar de bepaling in de Grondwet over de integriteit van het menselijk lichaam. De VVD legt die zo uit dat nabestaanden geen beslissing mogen nemen over orgaandonatie. Borst wees erop dat de Grondwet ruimte voor uitzonderingen biedt.

Na elk overlijden kan het centraal donorregister in opdracht van een arts dag en nacht worden geraadpleegd. Invoering van het systeem duurt twee jaar en kost eenmalig 22 tot 29 miljoen gulden, vervolgens elk jaar drie miljoen, te betalen uit het fonds van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten. De behandeling van het wetsvoorstel wordt volgende week voortgezet.