Twee films over een nacht van liefde in Los Angeles

Somebody to Love. Regie: Alexandre Rockwell. Met: Rosie Perez, Harvey Keitel, Michael De Lorenzo, Anthony Quinn, Quentin Tarantino. In: Amsterdam, Kriterion. En: Sleep with Me. Regie: Rory Kelly. Met: Eric Stoltz, Craig Sheffer, Meg Tilly, Quentin Tarantino. In: Amsterdam, Cinecenter; Rotterdam, Lantaren/Venster; Den Haag, Haags Filmhuis; Utrecht, 't Hoogt; Eindhoven, Plaza Futura; Nijmegen, Cinemariënburg; Arnhem, Filmhuis.

Twee onafhankelijk geproduceerde, voor Hollywood-begrippen zeer goedkope Amerikaanse films gaan morgen toevallig op dezelfde dag in Nederlandse première: het debuut van Rory Kelly Sleep with Me in zeven filmhuizen en Alexandre Rockwells Somebody to Love in één enkele bioscoop. Beide films spelen zich geheel af in Los Angeles en gaan over de geobsedeerde verliefdheid van een man voor een vrouw die al aan een ander toebehoort, zegt ze. Nadat aanbidder en aanbedene één nacht de liefde met elkaar bedreven hebben, deelt zij hem mee dat hij zich geen illusies moet maken, want dat die ene nacht toch niet zo veel voorstelde, en neemt zijn liefde een dramatische wending. Verder hebben de twee films weinig gemeen, behalve een opvallende gastrol van Quentin Tarantino, wiens aanwezigheid op het scherm tegenwoordig zo ongeveer de zegen betekent voor een onafhankelijke film.

In het geval van Sleep with Me, opgenomen voordat Tarantino de Gouden Palm won voor Pulp Fiction, waren de rollen nog omgedraaid: regisseur Rory Kelly werd gebeld door de hem onbekende Tarantino, die vroeg om een rolletje. Omdat beiden werken met dezelfde Poolse cameraman (Andrzej Sekula), verleende Kelly die gunst. Tijdens het feest in de slotscène mochten alle gasten iets leuks improviseren: Tarantino debiteerde zijn favoriete theorie over de homoseksuele subtekst van Top Gun en zorgde zo voor het leukste moment in Sleep with Me. Bovendien maakt de grap duidelijk wat de hoofdrolspelers tot dan toe erg impliciet hebben gehouden, namelijk dat de mannenvriendschap tussen Joseph (Eric Stoltz) en Frank (Craig Sheffer) wellicht sterker is dan het feit dat de laatste naar bed is geweest met Sarah (Meg Tilly), de vrouw van Joseph.

In dramatisch opzicht is het sympathieke debuut Sleep with Me niet erg consistent en overtuigend. Die weeffouten worden veroorzaakt door het idee zes scenarioschrijvers, onder wie Neal Jimenez en Michael Steinberg (makers van The Waterdance), elk een deel van de film te laten schrijven. Zo ontstond een lappendeken over de relatieproblemen van jonge, eigentijdse, universitair opgeleide Californiërs, die elkaar voornamelijk spreken in auto's en op feestjes. En, voor wat de mannen betreft, aan de pokertafel, waar bluf en waarheid genadeloos aan het licht komen. Kelly heeft bij de constructie van de film zelfs gedacht aan de structuur van Scott Fitzgeralds The Great Gatsby.

Een zelfde soort landerigheid spreekt inderdaad uit Sleep with Me. De mellowness van de hoofdpersonen, die elkaar met een videocamera portretteren, thee drinken en eindeloos veel sigaretten en stickies roken, ergerde de Amerikaanse filmcritici aan de Oostkust mateloos. Na hun negatieve recensies liet MGM, die de kleine onafhankelijke produktie opgekocht had, als een baksteen vallen, zodat er nauwelijks meer publiek kon komen kijken. Wie zich over de verbazing heen zet dat deze lotuseters, die het bijna nooit over werk of carrière hebben, kennelijk mentaal nog rond 1970 leven, kan in Sleep with Me een heel aardige, in losse onderdelen soms zelfs briljante film herkennen. Maar over universele onderwerpen als liefde, passie en loyaliteit gaat die film nauwelijks.

Ogenschijnlijk staat Somebody to Love veel verder van ons bed. De Amerikaanse regisseur-scenarist van Frans-Russische afkomst Alexandre Rockwell, die ons eerder vergastte op excentrieke juweeltjes als Hero en In the Soup, schreef nu samen met de Rus Sergei Bodrov (in zijn vaderland maker van het teder-anarchistische SER: Svoboda Jeto Rai), een melodramatisch verhaal uit de 'barrio', de Spaanstalige onderbuik van de stad van de engelen. Daar blijkt het fenomeen van de 'taxidancer', die tegen bescheiden betaling met elke mannelijke partner de dansvloer betreedt, geen oud Hollywoodcliché, maar actuele realiteit. De wonderbaarlijke Rosie Perez, die een Oscarnominatie kreeg voor Fearless en in Untamed Heart met haar aan Mae West herinnerende stem en aan de voluptueuze kwetsbaarheid van Marilyn Monroe refererende lijf Marisa Tomei wegspeelde, is nu Mercedes, de 'numero uno' van de huurdanseressen. Rockwell zegt haar personage te hebben gemodelleerd naar dat van Giulietta Masina in Fellini's De nachten van Cabiria. Mercedes wil graag hogerop in de showbiz, net als haar vriend Harry Harrelson (Harvey Keitel), een verlopen televisiester. 'Kent u mij niet?', vraagt Harry waar hij ook komt. De enige die hem spontaan toeroept: 'High Chaparral! 1967!', is de cinefiele barman van het trendy restaurant Brown Derby. Ook in Somebody to Love speelt Quentin Tarantino dus een sleutelrol.

In tegenstelling tot Rory Kelly smijt Rockwell met gastrollen: Anthony Quinn is een oude gangsterbaas die zijn moeder mist, Steve Buscemi een travestiet met een kaketoe die Romeo heet, de 83-jarige Sam Fuller speelt zichzelf als een dromen verkopende oude Hollywoodregisseur. Rockwell droeg zijn film op aan 'Federico en Giulietta', met wie hij kennelijk al even familiair was als met Nanni Moretti, die Rockwell op zijn beurt een gastrol gaf in Caro diario. Rockwell epateert, schmiert, laat zijn verliefde puber (Michael De Lorenzo) ogenblikkelijk de naam Mercedes op de borst tatoeëren, zwalkt met cameraman Robert Yeoman door de 'barrio' alsof hij zijn grote voorbeeld John Cassavetes naar de kroon wil steken. Somebody to Love gaat over een jongen die, in tegenstelling tot iedereen in zijn omgeving, zich niet door realistische beperkingen laat weerhouden van een grenzeloze passie. Pas in de slotscène, wanneer ook zij, net als De Lorenzo letterlijk en figuurlijk leert te zweven, wordt Perez zijn bondgenote. De film is een slordig gearticuleerde fabel, een universeel geldig sprookje, dat me liever is dan de alledaagse herkenbaarheid en de bescheidenheid van Sleep with Me. Maar beide films zijn de moeite waard, als hoopgevende voorbeelden van wat er in de marge van de wereldfilmhoofdstad Los Angeles (Rockwell is overigens een Newyorker) ook mogelijk is.

    • Hans Beerekamp