Boze consument boycot bedrijven steeds vaker

ROTTERDAM, 14 JUNI. Milieuvervuiling, kinderarbeid, dierproeven, maar ook commerciële en religieuze motieven zijn steeds vaker reden voor mondige consumenten bedrijven te boycotten. De 'spontane' boycot van Shell-produkten wegens het dumpen van een boorplatform past in een groeiende reeks consumentenacties.

Grote concerns als Shell hebben de afgelopen jaren aan den lijve ondervonden hoe ver de macht van de ontevreden consument strekt. Of het nu gaat om kinderarbeid in India, dierproeven in de cosmetica-industrie of vervuiling van de Noordzee, 'verantwoordelijkheid' jegens de consument staat hoog op de agenda van het bedrijfsleven.

“Ja, we hadden beter moeten luisteren”, zo liet Shell in april 1993 deemoedig weten in grote advertenties. Daarin kondigde het olieconcern aan dat het oude systeem van gratis zegeltjes bij de benzinepomp weer werd ingevoerd. In de eerste drie maanden van dat jaar had Shell namelijk 2 procent van zijn marktaandeel in Nederland verloren, op jaarbasis een bedrag van 100 miljoen gulden. Nadat Shell per 1 januari zijn gratis zegelsysteem inruilde voor een waardecertificaat dat moest worden gekocht reden veel automobilisten door naar de concurrentie.

Naast commerciële motieven spelen ethische normen een steeds belangrijkere rol bij de oproepen tot een boycot. Shell was jarenlang het doelwit van de internationale anti-apartheidsbeweging. Die beschuldigde Shell ervan ondanks de olieboycot haar activiteiten in Zuid-Afrika voort te zetten en de sancties tegen dat land niet te steunen. Protesten van de anti-apartheidsbeweging waren eind jaren tachtig, begin jaren negentig een terugkomend ritueel bij de jaarlijkse aandeelhoudersvergadering van Shell in Den Haag.

Steeds vaker komen de protesten tegen milieuvervuiling door bedrijven van officiële instanties, die verantwoordelijk zijn voor steeds strengere milieuwetgeving. Het is geen toeval dat de protesten tegen de dumping van het olieplatform van Shell vooral komen uit Duitsland, waar de milieuwetgeving ver is voortgeschreden. Naast een Duitse minister lieten de grootste consumentenorganisaties, de evangelisch-lutherse kerk en de machtige Metaalbond zich horen.

Maar het milieu is al weer voorbij gestreefd door andere onderwerpen. Uit een recente opiniepeiling onder Britse consumenten bleek dat zorgen over kinderarbeid en de juridische positie van werknemers nu hoger scoren dan het milieu en dierproeven. Een belangrijke reden daarvoor is ongetwijfeld de moord in april op een Pakistaans jongetje dat een symbool was in de strijd voor rechten van kinderen. Een reactie van het bedrijfsleven kon niet uitblijven - Het Zweedse meubelwarenhuis Ikea liet kort geleden weten dat het alleen tapijten uit de Derde Wereld zou verkopen waarvan zeker was dat die niet door kinderen waren gemaakt. Warenhuisketen C&A wil meewerken aan een gedragscode om kinderarbeid te voorkomen.

Vooral in de Verenigde Staten komt het fenomeen voor van religieuze groeperingen, die het wapen van de consumentenboycot hebben ontdekt ter verwezelijking van hun doeleinden. Unilever werd deze week in de VS getroffen door een boycot van conservatieve christenen, verenigd in de American Family Association. De religieuze pressiegroep beschuldigt Unilever ervan reclame te maken in tv-programma's waarin veel seks, geweld en ruw taalgebruik voorkomen.