Vrije beroepen sluiten zich aan bij MKB Nederland

DEN HAAG, 13 JUNI. De werkgeversorganisatie voor het midden- en kleinbedrijf, MKB Nederland, gaat ook de belangen van de vrije beroepsbeoefenaren behartigen. De Raad voor het Vrije Beroep (RVB) sluit zich bij MKB Nederland aan.

Voorzitter H. de Haas van de RVB en voorzitter J. Kamminga van MKB Nederland hebben dit vanmiddag in Wassenaar bekendgemaakt. De RVB is een samenwerkingsverband van 27 organisaties die samen ruim 56.000 leden hebben. Volgens de RVB is sprake van een 'vrij beroep' wanneer dat “economisch onafhankelijk” wordt uitgeoefend en wanneer de beoefenaren zijn onderworpen aan tuchtrecht of een beroepscode.

De aansluiting van de RVB betekent dat MKB Nederland wordt uitgebreid met de volgende zelfstandige ondernemers en hun organisaties: accountants, actuarissen, advocaten, apothekers, assurantie-adviseurs, belastingadviseurs, dierenartsen, diëtisten, ergotherapeuten, fysiotherapeuten, gerechtsdeurwaarders, huisartsen, interieurarchitecten, logopedisten, loodsen, medisch specialisten, oefentherapeuten, ondernemingsrechtadviseurs, ontwerpers, tolken/vertalers en verloskundigen. Notarissen behoorden al tot MKB Nederland, alsmede een aantal belastingadviseurs en accountants.

De RVB en MKB Nederland hebben de overheid vandaag opgeroepen zorgvuldigheid te betrachten bij de deregulering. Zij deden dit op een symposium dat de RVB ter gelegenheid van zijn jaarvergadering had georganiseerd. “De drang om het aantal regels terug te dringen moet er niet toe leiden dat ook essentiële regels verdwijnen”, aldus de organisaties.

De voordelen van prijsdaling als gevolg van meer concurrentie moeten worden afgewogen tegen de nadelen van het verdwijnen van bepaalde regelingen, zoals de kwaliteitseisen die in veel branches en beroepen worden gesteld. Opleidingseisen, nascholingsverplichtingen en inrichtingseisen vallen nu vaak onder een gedragscode en het klacht- en tuchtrecht. Dat is volgens de organisaties in het belang van de kwaliteit van de dienstverlening en dus van de consument. Daarom moet de overheid met het aanpakken van dit soort regels “uiterst zorgvuldig” zijn. RVB-voorzitter mr. De Haas noemde als voorbeeld van verkeerde deregulering de voorgenomen afschaffing van het procesmonopolie van advocaten.