Sparrehout

Optima 45/46. Contact, 113 blz. Prijs ƒ 19,50

Het nieuwe, dubbele nummer van Optima is een een-tweetje van Melchior de Wolff van de Rotterdamse Kunststichting en van de Volkskrant, en Michaël Zeeman van de Volkskrant, van Optima en vroeger van de Rotterdamse Kunststichting. In Rotterdam spraken vorig jaar in een lezingenreeks schrijvers over ten onrechte in de vergetelheid geraakte Nederlandse klassieken van deze eeuw. De teksten staan nu verzameld in Optima, aangevuld met enkele nieuwe over 'Achterstallig onderhoud' in de moderne literatuur. Arnold Heumakers, Arjan Peters, Melchior de Wolff en Michaël Zeeman (allen van de Volkskrant) en NRC Handelsblad-medewerkers Willem Otterspeer, Marcel Möring en Dirk van Weelden, plus Charlotte Mutsaers, Kees 't Hart en Atte Jongstra: ze zijn bepaald niet de eersten die zich bezighouden met de vraag 'Wat Is Klassiek?', en volgens inleider Zeeman vraagt nu de naderende eeuwwende erom de balans op te maken, de literaire canon vast te stellen.

Otterspeer koos de filosofische dichter J.A. Dèr Mouw; De Wolff heeft het over de echtheid en het literaire gehalte van het dagboek van Anne Frank. Atte Jongstra schreef een vrolijke en boeiende tekst over Herman Teirlincks 'in de tijd verdwaalde' naturalistische roman Het gevecht met de engel uit 1952. “Er is, dacht ik bij Teirlincks proza, een aantal behoeften in de mens die zich van God en gebod, van wetenschap en tijd niets aantrekken. Ze staan erboven.” Wat een schitterend compliment.

Arnold Heumakers vindt Voer voor psychologen het brandpunt van het oeuvre van schrijver en 'ziener' Harry Mulisch. Maar vooral Mulisch' filosofische boeken wekten Heumakers' bewondering: “Verbijstering vanwege het fabelachtige gehalte van Mulisch' demiurgische of kosmogonische constructies, bewondering vanwege de durf waarmee hij de filosofische tijdgeest (die toch eerder in het teken staat van een al dan niet postmoderne scepsis) waagt te trotseren.”

De meeste medewerkers waagden het jammer genoeg niet zich te beperken tot één klassiek boek of auteur. Maar Charlotte Mutsaers koos Elias of het gevecht met de nachtegalen van Maurice Gilliams. “Het gekke is: waar je ook kijkt, hoe je ook zoekt, in héél Elias of het gevecht met de nachtegalen is niet één nachtegaal te vinden. Aap, duif, stier, paard, kat, mus, zwijn, papegaai, vlinder, houtworm, slak, keverke, gans, kanarie, vlieg, vledermuis, kraai, muis, kikker, hond en zwaluw, ze komen er allemaal in voor maar nachtegalen, ho maar. En het allergekste is dat dat niks schijnt uit te maken.” Mutsaers is de enige die met een eisenlijstje voor de dag komt. Een literair werk moet bij haar aan tien voorwaarden voldoen om klassiek te mogen heten, zoals 'Bij voorkeur moet het niet binnen een stroming vallen', 'Het moet via de verbeeldingskracht van zijn taal de jouwe dermate op gang brengen dat je voetjes van de vloer gaan' en 'Het moet de nostalgische geur hebben van smeulend sparrehout'.