Rotterdam spreidt opvang thuislozen over gehele stad

ROTTERDAM, 13 JUNI. Rotterdam wil de opvangcentra voor dak- en thuislozen spreiden over de hele stad. Door het aantal opvangplaatsen uit te breiden wil Rotterdam dak- en thuislozen van de straat houden. De huidige dagopvang van 225 bedden zal worden verdubbeld. Het aantal plaatsen in de nachtopvang zal groeien van 90 naar 170. Dat kondigde wethouder H. Meijer (stadsvernieuwing en volkshuisvesting) gisteren aan.

Bewonersorganisaties reageren “overwegend positief” op de nieuwe plannen. De bewonersvereniging in Delfshaven in het westen van Rotterdam, waar de overlast van drugsverslaafden nijpend is, noemt spreiding “een goede en meest logische oplossing”. Op de zuidelijke Maasoever in deelgemeenten Feijenoord en Charlois wachten de bewoners de komst van de opvangcentra af.

Het spreidingsbeleid is het resultaat van bijna vijf maanden overleg tussen het Rotterdamse college van B en W en de deelraden. In alle Rotterdamse deelgemeenten, uitgezonderd Hoek van Holland, komen voorzieningen van sociale pensions, dag-, nacht- of wijkopvang tot en met instellingen waar zieke, verslaafde patiënten kunnen worden verpleegd.

Wethouder Meijer denkt dat de eerste, nieuwe opvangfaciliteiten na de zomer hun deuren zullen openen. Bij enkele andere zal dat op zijn vroegst aan het einde van het jaar zijn. En een aantal centra zal volgend jaar in gebruik genomen worden. “De snelheid hangt vooral af van het soort voorziening”, aldus Meijer.

De schattingen van het totale aantal dak- en thuislozen in Rotterdam schommelen rond de 3.000. Van hen is ongeveer 40 procent verslaafd aan drugs, 30 procent is (ex-)psychiatrisch patiënt en 15 procent verslaafd aan alcohol. Een groot deel vindt onderdak in de 'natuurlijke opvang' van kraakpanden en illegale pensions. Dagelijks zijn tenminste 750 personen aangewezen op reguliere voorzieningen van hulpverlening en opvang.

Voor de groep dak- en thuislozen trekt Rotterdam vijf miljoen gulden uit. Volgens Meijer is ook een bijdrage van het rijk nodig; de kosten van het nieuwe beleid schat hij op negen miljoen gulden.

De Rotterdamse wethouder wil de dak- en thuislozen “binnen vier muren” opvangen, uit het zicht van de stadsbevolking. De acceptatie onder de bevolking van overlast door verslaafden neemt volgens Meijer af. Indien nodig zal Rotterdam dak- en thuislozen dwingen hun intrek te nemen in een opvangvoorziening. Meijer: “Als je merkt dat een groep verslaafden problemen veroorzaakt, kan je tegen de politie zeggen: verwijs ze maar door naar een opvangcentrum.”

Waar de nieuwe opvangpanden precies liggen, wilden de gemeenten en deelraden gisteren niet onthullen. “Eerst moeten de bewoners worden ingelicht. Daarna zullen de deelgemeenten in overleg met bewonersorganisaties de locaties van de opvangcentra bepalen”, aldus T. Eikenbroek, voorzitter van de Rotterdamse deelgemeente Noord.

De opvang van verslaafden kan grote onrust veroorzaken in de stadswijken. Vorig jaar december leidde de ontmanteling van de Rotterdamse gedoogzone Perron Nul tot opwinding in de deelgemeente Hilligersberg-Schiebroek. Daar zou een tijdelijke opvang van Perron Nul-verslaafden komen. Dat initiatief werd gestaakt na protesten van bewoners.

De meeste habitués van Perron Nul verblijven inmiddels in de Pauluskerk van dominee H. Visser. Hij denkt dat de nieuwe gemeentelijke plannen geen oplossing zijn: “Er wordt ons zand in de ogen gestrooid.” De dominee pleit voor een harde aanpak van de criminaliteit rond het drugsgebruik. “Dat is de bron van alle overlast.”

Visser denkt dat met de nieuwe plannen “sommige drugsgebruikers” worden geholpen. Maar de junkiescene waarin gekookte coke omgaat wordt volgens hem niet bereikt. Visser: “De gemeentelijke plannen geven de indruk dat bij de bouw van een ziekenhuis de operatiekamers, de therapieruimten en de slaapkamers verspreid zijn over de stad. Terwijl de EHBO-afdeling, waar de mensen binnenkomen, nog steeds ontbreekt.”

Wethouder Meijer erkent dat het nieuwe beleid op een groep dak- en thuisloze verslaafden niet van toepassing is. “Maar de combinatie van opvang en hulpverlening zal uitzicht bieden op een betere, individuele begeleiding en beheersing van de problemen voor de omgeving”, onderstreept hij.