'Mijn vertrek is bewijs dat het goed gaat met de partij'; Tweede-Kamerlid Louise Groenman (D66) gaat weg

DEN HAAG, 13 JUNI. In het laatste kerstreces maakte drs. Louise S. Groenman de balans op. Ze was ruim dertien jaar Tweede-Kamerlid geweest voor D66, 54 jaar oud en niet van zins om haar pensioen aan het Binnenhof te vieren.

Wel wilde ze voor haar 65ste nog wat andere, meer bestuurlijk getinte dingen ondernomen hebben, een adviesraad hebben voorgezeten of iets dergelijks, maar ook meer ruimte hebben gehad voor haar privé-leven.

Dus houdt ze ermee op. Niet meteen, want de fractie vol nieuwe, jonge parlementariërs kan nog even een coach gebruiken, maar wel per 1 september aanstaande, als de Tweede Kamer terugkeert van zomerreces.

De sociologe Groenman, als parlementariër onder meer actief in de strijd voor vrouwenrechten en tegen pensioenbreuk en vroege winkelsluitingstijden, vertrekt zonder uitzicht op een andere baan. Gek vindt ze dat niet. “Anders moet ik steeds gaan zitten wachten tot er iets langs komt, en dan krijgt je moment van afscheid zoiets willekeurigs. Bovendien, mensen denken niet altijd aan je voor een andere baan als je in de Tweede Kamer zit.”

U vertrekt een jaar na de verkiezingen. Stelt u uw kiezers niet teleur?

“Ik ben heel lang voor mijn kiezers actief geweest in de Tweede Kamer, heb de verkiezingscampagne getrokken, heb me met de formatie bemoeid en als vice-fractievoorzitter de nieuwe fractie mee helpen opbouwen.”

Speelde het feit dat u niet voor een post in het kabinet werd gevraagd, een rol bij uw overwegingen tijdens de Kerst?

“Dat is me al meer gevraagd. Ik heb tijdens de formatie de houding aangenomen: als me een post aangeboden wordt zeg ik geen nee, maar ik ga er zelf niet naar op zoek. Anderen vonden het, geloof ik, nogal sneu voor me dat ik niets aangeboden kreeg. Ikzelf voelde me niet zo sneu.”

Bijna een jaar nadat de paarse droom voor D66 werkelijkheid is geworden en vlak voordat de winkels langer open gaan, vertrekt u. Had u niet wat langer willen genieten van het experiment?

“Nee, ik ben niet zo bepalend voor paars, hoogstens een klein lila stukje ervan. Belangrijker werd op een gegeven moment, dat ik door de week geen privé-afspraken meer kon maken als gevolg van mijn Kamerwerk. Bovendien, de echte strijd om de Winkelsluitingswet heb ik al in de jaren tachtig gevoerd toen ik een voorstel deed de winkels tot 7 uur 's avonds open te houden. Ik werd toen weggehoond. Ik heb in die tijd prachtige debatten meegemaakt met mensen als Van Dis van het SGP. Ik denk dat het komend debat over de Winkelsluitingswet sociologisch niet zo mooi opgetuigd zal zijn als toen.”

Met uw vertrek verliest de fractie een van de schaarse ervaren krachten.

“Ja, maar de jongere fractieleden hebben in bijna een jaar tijd al heel wat kunnen leren. De fractie is nu op orde en Gerrit Jan (fractievoorzitter Wolffensperger, red.) zit goed in zijn vel. Mijn vertrek is juist een bewijs dat het goed gaat met de partij.”