Aantal nieuwe koophuizen neemt af

ROTTERDAM, 13 JUNI. Het aantal verkochte nieuwe koophuizen is in de eerste vier maanden van dit jaar met 20 procent gedaald. Tot en met april werden in totaal 11.800 woningverkopen geregistreerd, tegen 14.700 in dezelfde periode vorig jaar.

Volgens de Nederlandse Vereniging van Bouwondernemers (NVB), die deze cijfers vanmorgen bekendmaakte, moet de verkoopdaling “als een logische reactie worden gezien na het uitzonderlijk goede jaar 1994 en de rentestijging in de tweede helft van het vorige jaar”. Uit het halfjaarlijkse koopwoningenonderzoek van de NVB blijkt dat de verkoopdaling zich reeds in die tweede helft van 1994 inzette. Door de zeer gunstige verkoopcijfers in de eerste helft was 1994 niettemin per saldo een 'uitstekend verkoopjaar'. De bouwers registreerden in totaal 42.000 woningverkopen. In 1993 waren dat er 40.700, in 1992 33.000. De NVB merkt op dat van de nieuwe koophuizen nu ongeveer 86 procent ongesubsidieerd is, in 1990 was dat nog 40 procent.

In de eerste vier maanden is de gemiddelde verkoopprijs van nieuwe woningen, ten opzichte van de vergelijkbare periode in 1994, met 7 procent gestegen tot 251.000 gulden. Als belangrijke reden voor de stijging noemt de NVB het afnemende aandeel van goedkope premiewoningen, de hogere grondprijzen die gemeenten in rekening brengen, als ook de opstelling van gemeenten en marktpartijen die in toenemende mate de kosten van sociale huurwoningen naar vrije sectorwoningen verschuiven.

Voor het lopende jaar acht de NVB een correctie op de ingezette daling mogelijk, vooral doordat de hypotheekrente sinds het voorjaar gestaag zakt. De NVB verwacht over het hele jaar echter minder woningverkopen dan in 1994. “De huizenmarkt”, zo licht de NVB toe, “is bij zijn huidige grote omvang vrij kwetsbaar. Dat geldt in het bijzonder in de vrije sector, die steeds meer hinder begint te ondervinden van de sterk stijgende grondkosten, de kostenverschuivingen van de sociale huursector en de soms wel zeer vergaande eisen van de gemeenten bij de ontwikkeling van nieuwe plannen”.

Bovendien zet volgens de NVB een groeiende kloof tussen wat de consument wil en de bouwers kunnen bieden de verkopen van vrije-sectorwoningen onder druk. “De consument wil ruimte, groen en parkeren, maar de politieke discussies gaan over meer flats, nog meer woningen per hectare en bouwen in stedelijke wijken met weinig parkeerplaatsen. Soms lijkt het wel dat niet de consument maar de politicus centraal staat bij de vraag welke woningen in welke prijsklasse moeten worden gebouwd”, aldus de NVB.