Inflatie in industrielanden in 1994 gedaald tot gemiddeld 2,5 procent

BAZEL, 12 JUNI. De inflatie-ontwikkeling in de wereld lijkt steeds beter onder controle te houden. Het gemiddelde inflatieniveau in de industrielanden is vorig jaar gedaald tot 2,5 procent. De economische opleving die veel landen doormaken, kan de opwaartse druk op het prijsniveau echter weer versterken. Dat stelt de Bank voor Internationale Betalingen (BIB) in haar vanmorgen verschenen jaarrapport.

De BIB, die vanuit Bazel als overkoepelende organisatie fungeert voor alle centrale banken, waarschuwt politieke en monetaire autoriteiten om inflatoire ontwikkelingen zo snel mogelijk af te remmen. De toezichthouder spreekt in haar rapport waarderende woorden over de pogingen van centrale banken om in 1994 door middel van vroegtijdige renteverhogingen de gevreesde oververhitting van economieën te voorkomen.

Voor een succesvol anti-inflatiebeleid is de steun van politici echter onontbeerlijk, zo stelt de BIB. “Het zou zeer betreurenswaardig zijn als het nieuwe inflatiebeleid van centrale banken wordt ondermijnd door politieke misstappen elders”, zei BIB-voorzitter W. Duisenberg (president van De Nederlandsche Bank) vanmorgen bij de presentatie van het rapport. Volgens Duisenberg biedt de economische opleving politici een uitgelezen kans om juist nu begrotingstekorten aan te pakken.

De groeiende invloed van financiële markten leidt er volgens de BIB toe dat politici en monetaire autoriteiten nog sneller en accurater op economische ontwikkelingen moeten reageren. De crisis die vorig jaar in Mexico losbarstte, is volgens de BIB het bewijs dat de markt uiteindelijk altijd reageert op economische onevenwichtigheden. “Het zou beter zijn als politici zelf zouden onderkennen welke aanpassingen onvermijdelijk zijn en deze vervolgens zelf de nodige stappen zouden nemen, aldus de BIB.

De BIB beschouwt de dalende inflatie als een gunstige ontwikkeling, zeker gezien het feit dat de industriële produktie in 1994 met drie procent is toegenomen. In een periode van economische opleving neemt de bezettingsgraad van de produktiefaciliteiten toe. Wanneer de bezettingsgraad niet verder kan stijgen, dreigt het risico van het algemene prijsniveau. Ook begrotingstekorten, waardoor er te veel geld in omloop komt, kunnen tot prijsontwaarding leiden.

De BIB constateert in haar jaarrapport goedkeurend dat de Verenigde Staten, waar de economische opleving al langer gaande is dan elders, in staat is gebleken om de inflatie beperkt te houden. Ook landen als Italië, Groot-Brittannië, Zweden en Canada zijn er ondanks hun lagere munt in geslaagd om de inflatiegevolgen te dempen.