'Silicon Village' in het hart van New York

NEW YORK, 10 JUNI. “Ons appartement was ongeveer 33 vierkante meter groot en wij woonden daar met z'n tweeen”, vertelt Yee-Ping Wu, topvrouw van multimediabedrijf Music Pen. “Wij hadden ook nog twee piano's, vier krakkemikkige computers en twee katten. Ja, mijn man en ik hielden heel veel van elkaar.”

Yee-Ping Wu kan er nu met een glimlach op terugkijken. Music Pen, gevestigd op Union Square, is een succesvol bedrijf geworden. Wu's man, Philip Lui, is de chief technology en zij zelf leidt de artistieke en commerciële kant van het bedrijf. Music Pen heeft een omzet van naar schatting enkele miljoenen dollars per jaar en speelt samen met een tiental andere bedrijven in de eredivisie van jonge multimediabedrijfjes in Manhattan.

Sommigen spreken van Silicon Alley, anderen noemen het Silicon Village. Duidelijk is dat Manhattan zich probeert af te zetten tegen de dominantie van de computerindustrie aan de Amerikaanse westkust en probeert een eigen industrie te ontwikkelen van multimedia-software. Een overkoepelende organisatie, die zich de New York New Media Organisation noemt, meldde vorige maand in zijn orgaan NYNMA News dat het zijn duizendste lid heeft genoteerd. De oprichtingsvergadering was in september vorig jaar. Alles speelt zich af in de Flat-Iron-district, Union Square, SoHo en Tribeca. Downtown dus, in de wijken ten westen van Broadway onder de 23ste straat.

“Wij schatten dat er nu in New York City zo'n vijfenzeventigduizend man werkzaam zijn in deze sector”, zegt Michael Salvato, medewerker van de New York City Partnership. De dochter van de Chamber of Commerce probeert multimedia- en computeractiviteiten op Manhattan te bevorderen. Daartoe is ook een MetroTech Center opgezet dat 150 van de allerkleinste bedrijfjes aan betaalbare werkruimte moet helpen want New Yorks grond is duur. IBM en Time Warner zijn twee van de bedrijven die daar kapitaal in hebben gestoken. Met subsidie van de staat New York heeft New York University ook een Center for Digital Multimedia opgezet waar studenten kunnen experimenteren.

Beleggingskapitaal is er overigens te weinig. De grote bedrijven begrijpen dat ze niet kunnen achterblijven bij het investeren in nieuwe media maar het is moeilijk om het te kanaliseren. “Kapitaal volgt de mode”, zegt Salvato. “Vorig jaar ging alles nog in CD-Rom, nu is het Internet de geldtrekker.” Niemand weet hoeveel kapitaal er precies in de opkomende multimedia-industrie in New York omgaat maar de 1 miljard dollar grens is al gepasseerd. Volgens Tom Nicholson van het gelijknamige bedrijf kost het van het begin af ontwikkelen van een CD-Romtitel een miljoen dollar. “Maar er zijn ook titels die vijf of zes miljoen dollar hebben gekost en toch flopten”, aldus Nicholson, “het is net als met de filmindustrie.”

New York City heeft altijd al als een magneet gewerkt. Het financiële centrum van de wereld heeft ook een indrukwekkende hoeveelheid bedrijven in de media- en amusementssector binnen de stadspoorten. De networks ABC, CBS en NBC hebben er hun hoofdkantoor, de filmstudio's Time Warner en Viacom zijn er gevestigd terwijl Sony en Disney hun vestigingen uitbreiden. De on-line-service Prodigy, eigendom van IBM en Sears, kondigde vorige week aan een deel van zijn bedrijf naar Manhattan te verhuizen, omdat daar de technologiespecialisten zitten die hen verder kunnen helpen. Ook het softwarebedrijf Voyager koos er om artistieke redenen al eerder voor van Santa Monica in Californië naar de Manhattanse wijk SoHo te verhuizen.

Yee-Ping Wu: “New York is een moeilijke stad voor bedrijven maar er zit hier een onuitputtelijke hoeveelheid creatieve mensen, de stad is inspirerend en beweegt zich in een dynamisch tempo. Wij zitten in New York en niet in San Francisco omdat we slimmer zijn.” Wu was zelf een muzikaal wonderkind en gaf op haar zevende concerten voor Mao Zedong, Chroetsjov en Tito. Toen ze zestien was vluchtten haar ouders met de kinderen uit Sjanghai naar New York, waar zij aan het Juilliard-conservatorium studeerde. Daar omtmoette ze haar man, die Harvard had gedaan en toen al - eind jaren zeventig - altijd met computers bezig was.

Music Pen, dat in een jaar van acht naar vijftig werknemers groeide, geeft CD-Romtitels uit als de Magic School Bus, een CD-Rom voor kinderen, maar ook Vivaldi met de volledige partituur van De Vier Jaargetijden op het beeldscherm en bijzonderheden over muziek en componist. 'Coolsville' is een jazztitel die de geschiedenis van de jazz presenteert als een detectiveverhaal. Music Pen maakt titels voor Viacom, Microsoft en Bertelsmann. Wu: “Ik zeg wel eens voor de grap: 'Wij werken alleen met bedrijven die meer dan vijf miljard omzet hebben.”

De concurrentie is moordend volgens Wu.De grote toekomst van CD-Rom ziet zij in educatief gebruik. Een groot probleem is de distributie. De consument kan nauwelijks zien wat hij koopt, omdat geen winkelier daarop is ingesteld. Wu: “De slechte produkten bederven de markt voor de anderen.”

Music Pen huist in een prachtig pand met hoge, diepe ruimtes. Een stukje verder downtown zit Tom Nicholson Associates, een multimediabedrijf dat aanzienelijk kleiner behuisd is. Nicholson specialiseert zich in CD-Roms voor musea en tentoonstellingen. Ook maakt Nicholson de interactieve software voor monitors in lobby's van bedrijven en banken. Nu het Internet voor het bedrijfsleven steeds belangrijker wordt, ontwerpt het bedrijfje ook Web-pagina's - desgewenst interactief.

“Het Internet is belangrijk omdat daar in de toekomst zo veel gaat gebeuren”, zegt Nicholson. “Straks nemen mensen elektronische abonnementen via het Internet, ze kijken naar advertenties en er komen commerciële transacties via het net. Vooral dat laatste brengt omzet.” De grote vraag is volgens Nicholson hoe je gebruikers naar lokaties op het Internet lokt. “Maak het gemakkelijk bereikbaar, amusant, informatief en speels. Niet al te speels want anders denken mensen dat het niet betrouwbaar genoeg is om er ook geldtransacties te doen.”

Een grote moeilijkheid in de industrie is ook dat Nicholson niet weet wat hij voor een opdracht moet vragen. “Niemand heeft enig idee hoeveel iets moet kosten. Opdrachtgevers willen er wel geld in steken, maar vragen zich af hoeveel het hen straks zal opleveren. Dat weet ik ook niet”, zegt Nicholson, die erkent dat de veranderingen nu wel heel erg snel gaan. “Ik hoef nooit verder dan een jaar vooruit te denken en al onze research kunnen we meteen toepassen.”

Ook Nicholson wil niet kwijt hoeveel hij omzet maar het loopt in de miljoenen dollars. “Wij zitten boven de beginners, maar nog ver beneden de Viacoms en de Time Warners”, zegt hij, “maar dat kan ook niet anders. Wij moeten niet te groot worden. De creativiteit raakt in grote bedrijven in de verdrukking. De cultuur van grote bedrijven beloont de zakenman. Iemand doet iets goeds en zijn baas krijgt de complimenten.”