Roosevelt (1)

In zijn recensie van drie boeken over de Roosevelts (boekenbijlage 27 mei) veronderstelt Rob Soetenhorst dat “in een tijd dat er nog geen televisie was, vele miljoenen zich nauwelijks bewust (moeten) zijn geweest van de lichamelijke handicap van de president”.

Dit getuigt van een aantal misverstanden. Ten eerste ging aan het televisietijdperk niet direct het neolithicum vooraf. Amerikanen uit die periode lazen vaak meer kranten per dag en de weekbladen van toen zijn nog wereldberoemd om hun fotoreportages. Bovendien ging men veel naar de bioscoop, waar iedere week een nieuw journaal werd getoond.

Roosevelt werd voortdurend in zijn rolstoel gefotografeerd en gefilmd bij gelegenheden die uiteenliepen van het te water laten van een slagschip tot het uitlaten van zijn hond. Niet het verdoezelen, maar juist het overwinnen van zijn handicap werd benadrukt: 'Look what you can do if you try'.

Hij benutte tevens zijn handicap om het kinderverlammingsfonds te steunen, zowel in de bioscoop (ongeveer zoals bij ons het Bio Vacantieoord indertijd) als via kartonnen bladen die tot envelop konden worden gevouwen, met daarin honderd uitsparingen ter grootte van een munt van tien cent (a dime). Wij kinderen werden aangemoedigd deze bladen te vullen en (gratis) te versturen naar President Roosevelt, The White House, Washington D.C. Deze doorlopende campagne heette The March of Dimes. Vandaar dat sinds zijn dood juist dit muntstuk zijn beeltenis draagt.