Militairen hopen 'iets van daadkracht' te tonen

DOORN, 10 JUNI. Wie maalt er om een regenbui bij de gedachte dat straks de Bosnische Serviërs in toom moeten worden gehouden? Op het terrein Van Braam Houckgeestkazerne van de koninklijke marine in ieder geval niemand. “Echt Bosnisch weer”, volgens een soldaat van de landmacht.

In deze kazerne bij Doorn bevindt zich de eenheid van zo'n 170 militairen die over ruim drie weken naar Bosnië vertrekt om de troepenmacht van de Verenigde Naties bij te staan. De regering bepaalde donderdag dat een extra contingent militairen naar Bosnië moet worden gestuurd. Op het kazerneterrein poseert een rijtje militairen met hun materieel gedwee voor de pers. Een eindje verderop laten vijf mariniers zien hoe een mortier wordt geladen.

“We hopen iets te bereiken. We hopen iets van daadkracht te laten zien”, zegt wachtmeester P. de Haan. “Maar ik weet niet wat er gaat gebeuren als er een conflict dreigt met de Serviërs. Dan zullen we waarschijnlijk moeten wachten op een reactie van de politiek.” Toch, vindt De Haan, is de stemming in de groep goed. “Het besluit komt natuurlijk ook niet van de ene dag op de andere. We zijn ons al meer dan drie maanden op een uitzending aan het voorbereiden.”

Het Nederlandse team van 170 man zal zich in Bosnië aansluiten bij een multinationale, snel inzetbare eenheid - Task Group Alpha - van minimaal 5.000 en wellicht 10.000 man, afhankelijk van de hoeveelheid militairen die Groot-Brittannië naar Bosnië stuurt. Het Nederlandse onderdeel bestaat uit een mortiercompagnie van de mariniers, aangevuld met een motier-radareenheid van de landmacht.

Deze eenheid beschikt over apparatuur waarmee ze binnen vijf seconden kan berekenen vanwaar een mortier is afgevuurd. Dat de Serviërs eerder een Oekraïense eenheid succesvol hebben aangevallen toen deze een soortgelijke installatie wilde opstellen, is in Doorn niet bekend. De Haan: “Ik weet wel dat de Pakistaanse eenheid gebruik maakt van zo'n radar.” Zijn collega H. Hijman zei te verwachten dat er over de installatie wel degelijk problemen zullen komen met de Bosnische Serviërs. “Maar ik hoop gebruik te kunnen maken van de apparatuur.”

De kern van de Nederlandse eenheid wordt gevormd door de Eerste Mortiercompagnie, die deel uitmaakt van de UK / NL Landing Force. Volgens Majoor I. Piepers, de commandant van de Nederlandse eenheid, heeft zijn groep nog enkele weken nodig voor men kan afreizen naar Bosnië. “We moeten een eenheid formeren uit verschillende eenheden. De komende twee weken zullen we besteden aan teamvorming.” Omdat de Eerste Mortiercompagnie traint in Groot-Brittannië en daar wordt opgeleid, verwacht Piepers geen problemen bij de inpassing van het onderdeel in Task Group Alpha.

Gisteren bestond nog geen duidelijkheid over de exacte locatie waar de Nederlanders worden gestationeerd: 'ergens ten zuiden van Sarajevo'. Het is wel de bedoeling dat het team bij elkaar blijft. Het doel: “De aanwezige eenheden van UNPROFOR te versterken, het personeel beveiligen en, mocht dat nodig zijn, mogelijk maken eenheden te hergroeperen”, aldus Piepers. Volgens hem blijft het werk 'peace-keeping'.

De Nederlandse eenheid bestaat behalve de 170 militairen uit negentien pantserswagens, voorzien van een .50-mitrailleur, zes mortieren (met een bereik van 13,5 kilometer) en zes helikopters. De radar-eenheid bevindt zich altijd in de directe nabijheid van de mariniers en is verantwoordelijk voor 'een veilige omgeving'. “We zijn in ieder geval heel wat mobieler dan de eenheden die zich nu in Bosnië bevinden.”