Het recht in de elektronische ruimte

EDWARD A. CAVAZOS & GAVINO MORIN: Cyberspace and the law. Your rights and duties in the on-line world

215 blz, MIT Press 1994, ƒ 61,85

De term 'cyberspace' is ontleend aan de cult-roman Neuromancer van de Amerikaanse science-fictionschrijver Wiliam Gibson uit het begin van de jaren tachtig. Hij beschrijft het als “een vorm van collectieve hallucinatie” die in alles lijkt op een fysieke ruimte, maar in feite een door computers gegenereerde constructie is die abstracte gegevens weergeeft. Inmiddels is cyberspace de term voor de nieuwe elektronische ruimte zonder grenzen, gesymboliseerd door de 'elektronische supersnelweg' die op Amerikaans initiatief nu ook in Europa het parool van de beleidsontwikkelaars is, terwijl het aantal aansluitingen op het reeds aanwezige, wereldomspannende Internet explosief toeneemt.

Het epitethon 'cyber' is in Amerika al snel synoniem geworden met de 'New Frontier', de klassieke metafoor voor de pioniersmentaliteit die ooit het land van de onbegrensde mogelijkheden hielp te ontsluiten. Daarbij hoorde, zeker aanvankelijk, een losse omgang met de geldende regels en beperkingen. Een relatieve normloosheid vormt, zeker voor veel Internet-pioniers, mede de aantrekkingskracht van hun virtuele wereld. Maar net als in het echte Wilde Westen zitten de eerste Marshalls de vrijbuiters al op de hielen. Zeker in de Verenigde Staten wordt er reeds volop geschermutseld op de grenzen van het oude en het nieuwe rechtsterritoir.

Vluchtig beeld

Twee advocaten uit de staat Texas geven een overzicht van dit woelige grensgebied in het boekje Cyberspace and the law. Helemaal kloppen doet de titel niet, want zij houden zich bij het Amerikaanse recht en typerend voor cyberspace is dat hij zich in beginsel niets aantrekt van nationale grenzen. Dat is nu net een belangrijke bron van juridische problemen. Dit geldt zelfs binnen de Verenigde Staten, getuige de strafzaak tegen het besloten elektronische bulletinbord Amateur Action. Dit werd in Memphis, Tennessee veroordeeld wegens het verspreiden van obsceen materiaal. Het was echter ingevoerd in de staat Californië, waar men er niet over zou piekeren een strafvervolging in te stellen. De plaats van ontvangst is echter het hartje van de conservatieve Bible Belt, waar men er zwaar aan tilt. Volgens de Amerikaanse wet is beslissend of materiaal onaanvaardbaar is 'krachtens de hedendaagse lokale maatstaven'. Maar wat is lokaal binnen cyberspace: plaats van invoer, plaats van uitvoer - of de elektronische oneindigheid?

De zaak-Amateur Action komt overigens niet voor in het boekje van Cavazos en Morin. Dit kan uiteraard ook slechts een vluchtig beeld bieden. De zeden op de elektronische snelweg zijn zeer beweeglijk. Vijf jaar geleden was cryptografie (het versleutelen van berichtenverkeer) nog iets dat was voorbehouden aan geheime diensten, nu kunnen hele sectoren van het reguliere bedrijfsleven niet meer zonder.

Of neem de aanduiding van computerbestanden door de beheerders van elektronische bulletinborden. Daar kan toch moeilijk bloed uit vloeien, zou men zeggen. Tót een pornografische bijdrage wordt aangeduid met de term 'schaakspel' en zo ontsnapt aan de controle van een school op het Internetgebruik van de aan haar toevertrouwde kinderen. Ten minste één Amerikaanse rechtsgeleerde heeft laten weten daar wel een (rechts)zaak in te zien. De Amerikanen zijn ook wel erg gepreoccupeerd met de zedelijkheid, getuige een wetsvoorstel tegen elektronische porno dat bij de Amerikaanse Senaat is ingediend en op Internet tot in onze contreien voor grote opwinding zorgt.

Er zijn overigens nog heel andere noten te kraken. Neem de anonimiteit die veel gebruikers van Internet hoog in het vaandel voeren. Een fiks percentage van het gegevensverkeer heeft plaats onder gefingeerde namen - de zogeheten handles. In Nederland wordt anonimiteit al gauw verdacht gevonden, maar in de VS is het een grondwettelijk erkend rechtsgoed. Men herinnert er daar graag aan dat de Amerikaanse vaders des vaderlands Madison en Hamilton hun beroemde briefwisseling over de nieuwe grondwet publiceerden onder het pseudoniem Publius. In 1960 verklaarde het federale Hooggerechtshof dan ook een verordening uit Californië ongrondwettig die de verplichting bevatte op vlugschriften steeds naam en adres van de auteur of verspreider te vermelden.

Het probleem op Internet is echter dat berichten in beginsel de elektronische vingerafdruk van de computer van herkomst bevatten. Dit heeft geleid tot een groeiende populariteit van 'remailers': elektronische postbussen waar berichten van identificerende kenmerken worden ontdaan en dan worden doorgezonden naar de bestemde plaats. De Finse politie deed eerder dit jaar een inval bij een befaamde remailer op aangifte van de Scientologen-sekte die achter uitgelekte documenten aanzit die op Internet zijn opgedoken. Zo'n inval was voor zover bekend tot dusver uniek en deed een schrikgolf door de wereld van Internet gaan. Een remailer beschikt uit de aard der zaak immers over een lijst van de werkelijke adressen achter de aliassen en die ziet men liever niet in handen van de politie. Liever dan zijn hele systeem in beslag te laten nemen, verstrekte de Finse remailer de gevraagde inlichtingen.

Cybergardens

De alternatieve drugswereld heeft een extra beveiliging bedacht: een computervirus dat bij een inval de sporen meteen opruimt. Voor de teelt van hoogwaardige marihuananplanten worden tegenwoordig 'cybergardens' ingericht, soms gewoon in een huurkamer, met uitgekiende systemen voor licht en voeding die op afstand worden bestuurd. Dat gebeurt uiteraard via een remailer en het jongste snufje is een zelf-destructiemechanisme dat bij onraad de hele zaak laat ploffen.

In het licht van dergelijke ontwikkelingen staat een toekomstige cyber-politie voor een welhaast onmogelijke opdracht. Er is dan ook een duidelijke trend de controletaak als het ware te privatiseren door remailers of beheerders van elektronische bulletinborden aansprakelijk te stellen voor wat er in hun systemen omgaat. Dat dit echter gemakkelijker is gezegd dan gedaan, bleek enkele jaren geleden in een test-case waarbij de bekende Amerikaanse dienstenaanbieder Compuserve was betrokken. Deze werd door de firma Cubby aangeklaagd wegens smaad, het toelaten van denigrerende opmerkingen aan haar adres in een elektronische nieuwsbrief. Deze werd echter niet door Compuserve zelf verzorgd, maar was uitbesteed aan een apart bedrijfje - nota bene een concurrent van Cubby. Omdat Compuserve zelf geen directe zeggenschap had over de inhoud van het bulletinbord ontsnapte het de dans.

Deze beslissing is in de wereld van de systeembeheerders verwelkomd als een belangrijke steun voor de elektronische vrijheid van meningsuiting. De rechter vergeleek een elektronisch bulletinbord met een boekhandel. Deze kan ook niet worden geacht alles te controleren wat hij in huis heeft. Cavazos en Morin waarschuwen echter met reden dat er een addertje onder het gras zit. De rechter ging niet in op de vraag wat er gebeurt als de beheerder of moderator wèl op de hoogte is.

Vorige week werden de auteurs op hun wenken bediend. Tot grote consternatie van de cyberindustrie gaf een rechter in New York het groene licht voor een procedure tegen een andere bekende dienstenaanbieder, Prodigy. Een effectenbedrijf eist een schadevergoeding van 200 miljoen dollar wegens smadelijke berichtgeving op een elektronisch prikbord. Déze rechter vond de beheerder helemaal niet lijken op een boekhandel, maar veeleer op een uitgever die wel degelijk aansprakelijk kan worden gesteld voor de inhoud. Prodigy doet ook aan screening van berichten op prikborden met behulp van speciale medewerkers of automatische zeeftechnieken.

De informatietechnologie kan uiteraard ook helpen om juridische boeien te slaken. Zo hebben Cavazos en Morin een ingenieuze oplossing voor gevallen van smaad op de elektronische bulletinborden. De moderne techniek maakt het mogelijk slachtoffers een gegarandeerd recht van antwoord te geven om de aantijgingen recht te zetten, waardoor hun belang bij een oplossing via de rechter een stuk minder wordt. Zo'n voorbeeldje illustreert dat de moderne elektronica menig juridisch leerstuk op zijn kop belooft te zetten. Het zal nog lang onrustig blijven in cyberspace.