Over de grens

TERWIJL DE SANERING van de overheidsfinanciën in Nederland met een mengeling van zelfgenoegzaamheid en zelfmedelijden nu al zo'n kleine twintig jaar voortsukkelt, heeft Duitsland in minder dan vijf jaar zijn publieke huishouding op orde gebracht. En daarbij zijn de kosten voor de overname van de voormalige Duitse Democratische Republiek inbegrepen.

In 1989 verkeerde de Westduitse economie in een gunstige uitgangspositie. De begroting was op orde, de inflatie laag, de D-mark sterk en de betalingsbalans vertoonde een enorm overschot. De vereniging van West- en Oost-Duitsland, de invoering van de D-mark in de ex-DDR tegen een politieke wisselkoers die de economische aanpassingen alleen maar groter maakte, èn de jaarlijkse overboekingen van een slordige 150 miljard D-mark van West naar Oost zetten deze macro-economische stabiliteit onder zware druk. De besparingen en investeringen stroomden niet langer naar het buitenland maar naar het oosten van Duitsland, zodat het overschot op de betalingsbalans verdween. Het begrotingstekort nam drastisch toe door de miljarden aan overdrachtsuitgaven en de kosten van de economische herstructureringen in de ex-DDR. In 1990-91 beleefde de Westduitse economie een onverwacht sterke groei dank zij de inhaalvraag van de ex-DDR. Door deze vraagimpuls liep de inflatie op. Deze werd met harde hand afgedempt door de renteverhogingen van de Bundesbank. Dit leidde tot de valutacrises in het Europese Monetaire Stelsel van 1992/93 en tot een recessie in Duitsland.

VIJF JAAR LATER is de boel grotendeels op orde. Na de aanvankelijke ineenstorting vertoont de economie van de ex-DDR vanaf 1992 een groeipercentage dat drie keer zo hoog is als in de oude Westduitse deelstaten. Vrijwel alle 'Volkseigene Betriebe', de staatsconglomeraten uit de voormalige planeconomie, zijn geprivatiseerd. De infrastructuur wordt van onder tot boven overhoop gehaald. De werkloosheid in de ex-DDR loopt geleidelijk terug en daalt dit jaar ook in het westen van Duitsland. De Bundesbank heeft de inflatie teruggedrongen tot een aanvaardbaar geacht niveau en de rente weer verlaagd. Het tekort op de betalingsbalans vermindert.

De grootste prestatie is dat het tekort van de Duitse overheid onder controle is, óók als rekening wordt gehouden met de uitgaven die voor de eenwording zijn gemaakt en die aanvankelijk uit fondsen werden gefinancierd buiten de begroting om. Het financieringstekort is gedaald tot onder de drie procent van de gezamenlijke Duitse economie. Duitsland voldoet daarmee aan de criteria van het verdrag van Maastricht ten aanzien van de staatsschuld en het financieringstekort. Nederland, het is beschamend om het vast te stellen, nog steeds niet.

Voor een deel is de sanering van de overheidsfinanciën bereikt door belastingverhoging, zoals de impopulaire solidariteitsheffing die dit jaar opnieuw is ingevoerd. Maar daarbij moet worden bedacht dat de Duitse collectieve lastendruk nog altijd zo'n tien procentpunten lager is dan in Nederland.

DE WERKLOOSHEID in beide delen van Duitsland is nog steeds hoog, voor een deel als gevolg van de hoge looneisen waaraan de werkgevers hebben toegegeven, voor een deel door de kracht van de Duitse mark, door de starheden die de Duitse arbeidsmarkt kenmerken en door de toestroom van grotendeels economische asielzoekers. Aan die problemen zal de komende jaren, naarmate de druk van de kosten van de vereniging afneemt, grotere aandacht moeten worden besteed. Net als aan de geleidelijke vermindering van de collectieve lasten. Dat alles doet niets af aan de verbluffende economische prestatie die Duitsland heeft geleverd. Inclusief de overname van een bankroet land.