Mariniers VS bevrijden piloot neergeschoten F-16 in Bosnië

WASHINGTON, 8 JUNI. Veertig Amerikaanse mariniers hebben vanochtend in Bosnië de piloot van een vorige week neergeschoten F-16 gered. De piloot, de 29-jarige luchtmachtkapitein Scott O'Grady, is gezond. Hij heeft wel last van onderkoeling en oververmoeidheid. De operatie wordt omschreven als een “multinationale NAVO-actie”.

Het was voor het eerst in de oorlog in ex-Joegoslavië dat Amerikaanse militairen een gevechtsactie uitvoerden op Bosnisch grondgebied. Aanvankelijk werd meegedeeld dat de mariniers geen tegenstand ondervonden, maar later meldde admiraal Leighton Smith, NAVO-bevelhebber in Zuid-Europa, dat er op hun helikopters was geschoten met lichte wapens en zeker met één raket. Niemand werd gewond.

Na de actie sprak president Clinton met de ouders van O'Grady. Hij prees hem en de mariniers: “De moed en het talent van kapitein O'Grady zijn voorbeeldig, net als de moed en het talent van diegenen die aan de reddingsoperatie hebben deelgenomen. Zij zijn Amerikaanse helden”, aldus Clinton. “Dit is een moment van trots en vreugde”, zo voegde hij daaraan toe.

O'Grady werd vrijdag met zijn F-16 door de Bosnische Serviërs ten westen van Banja Luka neergeschoten tijdens een patrouillevlucht boven Noord-Bosnië.

De Bosnische Serviërs meldden aanvankelijk hem in handen te hebben, maar zeiden later hem niet te hebben gevonden. Amerikaanse vliegtuigen die zijn betrokken bij patrouillevluchten in ex-Joegoslavië, meden na het incident het Bosnische luchtruim en beperkten hun vluchten tot dat van Kroatië.

In Washington werd maandag gemeld dat elektronische signalen van de piloot waren opgevangen, wat erop duidde dat hij nog in leven was. Dinsdag echter bleven de signalen uit en gisteren moest de Amerikaanse chef van staven, generaal Shalikashvili, toegeven dat niet met zekerheid vaststond dat de signalen wel van O'Grady afkomstig waren geweest.

Gistermiddag werd opnieuw een kort elektronisch signaal opgevangen dat mogelijk van O'Grady afkomstig was. Vannacht even voor half drie maakten patrouillerende vliegtuigen stemcontact. O'Grady bleek zich te bevinden op 32 kilometer ten zuidoosten van Bihac, hoofdstad van de gelijknamige moslimenclave in het noordwesten van Bosnië, niet ver van de plek waar hij vorige week was neergekomen.

Na een positieve identificatie gaf admiraal Leighton Smith, de NAVO-commandant in zuidelijk Europa, opdracht tot een reddingsactie. Om half zes, toen het licht werd, begon de operatie. Met twee helikopters, vanuit de lucht gedekt door NAVO-vliegtuigen, steeg een eenheid mariniers die speciaal voor zulke missies is opgeleid, op vanaf de USS Kearsarge, een amfibievaartuig met zeshonderd ziekenhuisbedden in de Adriatische Zee. De eenheid werd geleid door kolonel Marty Brendt. Om kwart voor zeven landden de helikopters op vijftig meter van O'Grady, die naar de toestellen rende en door Brendt aan boord werd geholpen. Om tien voor half acht verlieten de Amerikanen het Bosnische luchtruim. Ze vlogen terug naar de USS Kearsarge, waar O'Grady medisch werd onderzocht alvorens later vanochtend terug te keren naar zijn basis Aviano in Italië. Onder de NAVO-vliegtuigen die de actie begeleidden, waren toestellen die zijn gespecialiseerd in elektronische oorlogvoering.

Volgens generaal Joulwan, opperbevelhebber van de NAVO-strijdkrachten in Europa, liet O'Grady weten zich goed te voelen. Hij had weinig gegeten en gedronken, maar was volgens Joulwan “getraind in overlevingstechnieken”. “Hij heeft precies gedaan wat hij geacht werd te doen.” Generaal Shalikashvili zei dat O'Grady alleen een brandwond op de rug heeft, die hij opliep toen hij zich met zijn schietstoel in veiligheid bracht.