Geen EU-etiket voor gemanipuleerd voedsel

LUXEMBURG, 7 JUNI. Nederland heeft gisteren “teleurgesteld” gereageerd op het afketsen van een regeling voor de etikettering van genetisch gemanipuleerde voedingsmiddelen. Een minderheid van vijf lidstaten (Duitsland, Oostenrijk, Griekenland, Zweden en Denemarken) wenste niet mee te gaan met een voorstel van de Europese Commissie om in sommige gevallen van gedetailleerde etikettering af te zien.

Europese ministers belast met de interne markt bespraken het voorstel om twee uitzonderingen toe te staan op de verplichting de consument te informeren over genetische wijzingen. Het ging om voedingsmiddelen die, wanneer ze in de winkel liggen, geen zaadjes in zich dragen, zoals een krop sla. Een tomaat daarentegen die genetisch gewijzigd is om minder snel te rotten, zou bij voorbeeld wel onder de verplichte etikettering vallen.

In de tweede plaats betrof het produkten die uitsluitend om agronomische redenen zijn veranderd. In dat geval gaat het om een genetische verandering die tot doel heeft het gewas resistent te maken tegen natuurlijke vijanden en geen invloed heeft op geur, smaak of houdbaarheid van het produkt.

De teleurstelling van Nederlandse kant vloeit voort uit praktische overwegingen. Hoewel Nederland via een convenant tussen het bedrijfsleven (Unilever, Gist Brocades), consumentenorganisaties en detailhandel een veel strengere regeling kent voor de informatievoorziening, was de Nederlandse delegatie bereid water in de wijn te doen om de zaak Europees geregeld te krijgen. “Nu hebben we niets,” aldus een Nederlandse delegatielid. “En de kans dat er binnen afzienbare termijn alsnog een regeling komt is zeer gering omdat Spanje, Italië en Ierland, de drie komende voorzitters van de Unie, al hebben aangegeven het onderwerp niet hoog op de agenda te willen plaatsen.”

De vijf blokkerende lidstaten willen geen enkele uitzondering toestaan. De Duitse en Oostenrijkse delegatie bleken in het geheel geen speelruimte te hebben omdat hun parlementen al “nee” hadden gezegd. De Duitse commissaris Bangemann (industrie) verdedigde het commissievoorstel met vuur. Maar zijn argument dat volledige informatie dit soort voedingsmiddelen kan stigmatiseren, waardoor een nieuwe technologie in zijn ontwikkeling wordt gefrustreerd, viel bij deze lidstaten in weinig vruchtbare aarde. (ANP)