Benelux-landen zijn het eens over controle op Europol

BRUSSEL, 7 JUNI. Nederland krijgt steun van België en Luxemburg in zijn pleidooi voor een controlerende functie door het Europese Hof van Justitie op Europol. Dat bleek gisteren na afloop van een Benelux-top in het Brusselse Egmontpaleis. Europol, de Europese politieorganisatie in oprichting, is een van de hoofdthema's van de Europese top eind deze maand in Cannes.

Het gezamenlijke Benelux-standpunt over Europol bewijst dat de drie landen werk maken van hun onderlinge samenwerking, zoals ze eind vorig jaar afspraken bij de vijftigste verjaardag van de Benelux. Ze namen zich voor het politiek overleg over vooral de Europese Unie te intensiveren. De overeenkomst over Europol werd gisteren bereikt tijdens een ontmoeting van aftredend Belgisch premier Jean-Luc Dehaene met minister-president Kok en zijn Luxemburgse collega Jean-Claude Juncker.

Tot nu toe beperkte het Benelux-overleg vóór de halfjaarlijkse Europese toppen zich tot een werkontbijt, waar volgens waarnemers nauwelijks iets werd besproken. Voortaan zal aan iedere Europese top een Benelux-top voorafgaan. Op die manier willen de Benelux-landen hun standpunten op elkaar afstemmen en weer een motorrol gaan spelen in de Europese integratie, aldus Dehaene gisteren. “We hebben de roeping om een dynamiserende rol te spelen in de Europese Unie.” De aftredend premier sloot niet uit dat de Benelux met baanbrekende voorstellen komt, zoals veertig jaar geleden in het Siciliaanse Messina toen de drie een gezamenlijk memorandum op tafel legden, dat zou leiden tot Europese Economische Gemeenschap.

De Benelux-landen gaan meer samenwerken, maar dat betekent niet dat ze genoegen zullen nemen met één gezamenlijke Europees Commissaris, zo onderstreepte Kok gisteravond. Een voorstel om op die manier het aantal Eurocommissarissen te beperken, circuleert al enige tijd in Brussel. Maar, zei Kok, “als alle andere landen een commissaris hebben, dan wij ook.” Benelux-initiatieven zijn goed mogelijk, aldus de Nederlandse premier, “maar niet in een Calimero-stemming van 'wij zijn klein en zij zijn groot'.”

De hernieuwde Benelux-samenwerking komt aan de vooravond van de zogeheten intergouvernementele conferentie van 1996 (IGC), waarin de landen van de Europese Unie nieuwe afspraken zullen maken over hun onderlinge samenwerking. In een gisteren uitgebracht gezamenlijk communiqué melden de Benelux-landen dat ze tijdens de IGC zullen pleiten voor verdieping van de Europese integratie. Ook willen de drie een snelle verwezenlijking van een economische en monetaire unie en meer Europese samenwerking op het gebied van justitie en van buitenlands en veiligheidsbeleid.

Maar het gisteren uitgebrachte communiqué is nog zeer globaal. Onder de gemeenschappelijke intenties liggen meningsverschillen over Europese integratie. Zo wordt er niets gezegd over het uitbreiden van meerderheidsbesluiten naar fiscale Europese politiek, wat belangrijk is om een effectieve sociale en milieupolitiek te voeren op Europees niveau, maar waar Luxemburg fel op tegen is.