Tout Paris loopt uit voor Roland Garros

PARIJS, 6 JUNI. Twee weken lang trekken iedere dag 25.000 toeschouwers naar het Stade Roland Garros, de hemel van het graveltennis tussen het Bois de Boulogne en het sjieke zestiende arrondissement. Bij de uitgang van metrostation Porte d'Auteuil fluisteren de opdringerige verkopers van zwarte kaartjes: court central, driehonderd francs.

In die sfeervolle betonnen bak vechten de zwetende en zwoegende gravelspelers hun mooiste duels uit van de open Franse tenniskampioenschappen. Het grand-slamtoernooi, dat begon in 1891, duurt twee weken en begint met zowel 128 mannen als vrouwen in het enkelspel. In het begin zijn er zestien banen in gebruik, de laatste dagen alleen de drie grote stadions: court central (16.500 plaatsen), court A (vorig jaar nieuw gebouwd, 10.000 plaatsen) en court 1 (3.000 plaatsen).

Het anderhalve hectare grote tennispark draagt de naam van Roland Garros (uitgesproken met een scherpe s), een oorlogsvlieger die vlak voor de wapenstilstand in 1918 werd neergeschoten. Het feit dat hij liever rugby speelde dan tennis, werd gemakshalve genegeerd.

De toeschouwers komen niet alleen voor de tennissterren, dit jaar de flamboyante Amerikaan Andre Agassi en de helaas al uitgeschakelde Frans/Amerikaanse Marie/ Mary Pierce. Ze komen ook voor elkaar. Het toernooi is het enige sportevenement waar tout Paris op de tribune zit. Het populaire rugby is immers te volks en voetbalclub Paris Saint Germain boekt pas sinds kort weer succes.

Op het Court Central kunnen de televisiecamera's op een zonnige dag zonder moeite iedere onderbreking vullen met beelden van Franse filmsterren als Jean Paul Belmondo en Alain Delon. Het Nederlandse fotomodel Karin Mulder zat vorig jaar naast de Prins van Monaco op La Tribune Présidentielle, het Parijse equivalent van Wimbledons Royal Box.

In de beginjaren wisten de vier musketiers (Borotra, Lacoste, Cochet en Brugnon) het chauvinistische Franse publiek nog in extase te brengen met een dozijn overwinningen. Sinds het tennis in 1968 'open' werd - de profs mochten weer meedoen - lukte dat alleen Yannick Noah in 1983. Vorig jaar was zelfs noodgedwongen de Spaanse koning eregast, toen zijn onderdanen Sergi Bruguera en Aranxta Sanchez-Vicario de Franse titels opeisten.