Hockeyhuurling kan Amsterdam ook niet stuiten

TERRASSA, 3 JUNI. Het internationale tophockey krijgt meer en meer een gemêleerd karakter. Op de eerste dag van het Europa-Cuptoernooi bij de mannen speelde Amsterdam met drie buitenlandse spelers tegen het Italiaanse Cernusco, dat eveneens drie buitenlanders had opgesteld. De Nederlandse kampioen won in het Noordspaanse Terrassa met 5-1 van Cernusco. Daar kon de Tilburgse huurling Piet-Hein Geeris weinig aan veranderen.

Forza Piet klonk het wanhopig van de kleine hoofdtribune, waar tientallen Italiaanse hockeyfans hun ploeg aanmoedigden. De 23-jarige Geeris vormde een gevaarlijk duo met speler-coach Fernando Ferrara, de Argentijn die op de internationale velden regelmatig zijn goaltje meepikt. Zowel Geeris als Ferrara gaat door voor een solist, een zelfzuchtige speler die het liefst net zo lang pingelt tot de scheidsrechter op zijn fluitje blaast.

De flitsende solo's van Geeris stierven in schoonheid tegen Amsterdam, dat bij rust al een 3-0 voorsprong nam en in de tweede helft duidelijk zijn krachten spaarde voor de komende speeldagen. Mede dankzij de zeer ijverige Nederlandse midvoor kreeg Cernusco na de pauze een paar goede mogelijkheden, maar van de zeven toegekende strafcorners wist de Italiaanse kampioen er slechts een te benutten. Bij Amsterdam was specialist Taco van den Honert doeltreffender: hij scoorde drie van de negen corners. De andere Amsterdamse treffers kwamen op naam van de Australiër Graham Reid en de Nederlandse international Jack Brinkman.

Geeris moest toezien hoe zijn club in tactisch en technisch opzicht tekort schoot. Zelf probeerde hij met enkele snelle sprints gevaar te stichten, maar te vaak vergat hij de bal aan een medespeler te geven. Na afloop ontkende hij zijn egoïstische houding. “Zeker in de Italiaanse competitie ben ik een heel sociale speler, dan laat ik anderen scoren. In Italië kan dat ook gemakkelijk want sommige tegenstanders zijn wel zó ontzettend slecht. Die hockeyen niet, die proberen je alleen een blessure te bezorgen. En de scheidsrechters laten dat allemaal toe.”

En toch voelt Geeris zich uitstekend thuis in de omgeving van Milaan. Toen hij in januari '94 wegens wangedrag in Jong-Oranje voor een half jaar werd geschorst door de Nederlandse hockeybond, besloot Geeris een contract te tekenen bij Cernusco, de vereniging waar eerder ex-international Marc Lammers actief was. Bij de Noorditaliaanse club verdiende hij een aardig zakcentje en kreeg hij een gratis appartement aangeboden.

Na vier maanden keerde hij als Italiaans topscorer terug naar Tilburg. Maar tijdens de Nederlandse winterstop besloot hij toch weer naar Italië te vertrekken. De 9-voudige international was tot zijn teleurstelling niet geselecteerd voor het Nederlands elftal dat in december '94 om de wereldtitel ging strijden. “Ik werd heel vaak gebeld door de manager en hij bood me een heel lucratief contract. Ik kon niet meer weigeren.”

Cernusco is een vereniging van hooguit 150 leden die bij uitzondering hebben gekozen voor de hockeysport. “Als je in Italië vertelt dat je hockeyt, denken de mensen eerst aan ijshockey, dan aan rolhockey en dan een hele tijd niks”, zegt Geeris met een vette grijns. Hij zegt te genieten van de zuidelijke sfeer. Behalve hockeyen doet hij niet zo gek veel. Zo heeft hij de jeugdtrainingen zonder morren overgedragen aan de Duitse aanwinst Eiko Rott. “Ik vind drie trainingen per week wel genoeg. Er is toch sprake van hiërarchie. De eerstejaars moeten de jeugd trainen, de tweedejaars kunnen een beter contract afdwingen en hoeven niet meer zo nodig de jeugd te trainen.”

Volgens zijn Italiaanse ploeggenoten houdt Geeris zich liever schuil in het Milanese nachtleven dan tussen de hockeyende junioren. Samen met enkele bevriende Nederlanders bezoekt hij regelmatig trainingen en wedstrijden van AC Milan en Internazionale. Met een jongensachtige trots vertelt hij over de fotosessies met sterren als Bergkamp en Baresi.

In Italië wordt de hockeysport nauwelijks serieus genomen. De nationale bond telt nog geen drieduizend leden, iets meer dan de helft van het aantal hockeyers dat bij Amsterdam zijn kunsten vertoont. De rijke geldschieters mogen dan aardig te hulp schieten, van een serieus beleid is in Italië helemaal geen sprake. Zo heeft Cernusco slechts een jeugdelftal. “En het geld gaat alleen naar de spelers van het eerste. Daarom krijgen die in vergelijking met de Nederlandse hockeyers zo veel.”

Als manager Fagnoni van Cernusco wordt gevraagd naar het waarom van zo'n gebrekkige organisatie, grijpt hij veelbetekenend in zijn broekzakken. De nationale hockeybond heeft geen geld, wil hij zeggen. En de Italiaanse jeugd heeft wel wat anders aan haar hoofd dan met een bal en een stick op een kunstgrasveld lopen, maakt hij duidelijk. Hockey is geen calcio. Piet-Hein Geeris kan dan ook ongestoord over het Domplein in Milaan lopen.