Een partij van verbitterden

MARC SPRUYT: Grove Borstels. Stel dat het Vlaams Blok morgen zijn programma realiseert, hoe zou Vlaanderen er dan uitzien?

291 blz., Van Halewyck (Kessel-Lo België, tel. 00 32 16353306) 1995, ƒ 39,90

Politiek Vlaanderen haalt opgelucht adem. De onlangs gehouden parlementsverkiezingen leverde het nationalistische Vlaams Blok slechts een winst op van 1,5 procent. Nadert de partij haar 'sociologisch maximum', houdt zij een korte pauze in haar opmars of hebben jaren van heropvoeding door de mediawereld en de democratische krachten de kiezer eindelijk bekeerd?

De laatste verklaring is allicht niet die van Marc Spruyt, een 26-jarige politicoloog en auteur van het jongste Vlaams-Blokboek Grove Borstels. Hij behoort tot een voorlopig kleine groep mensen die beweert dat de taal waarmee het Blok gewoonlijk wordt aangepakt gemakzuchtig is en slordig, ergerlijk slordig zelfs. De vijanden van extreem-rechts nemen volgens hem genoegen met het emotioneel etaleren van wat schimmige vooroordelen die in vraaggesprekken door elke Filip Dewinter zonder moeite gepareerd worden als getuigend van een ernstig misbegrip van het Vlaams-Blokstandpunt. Een betere tegenstander kan de partij zich niet dromen. Immers, wie het vaste geloof bezit, kan er op basis van Dewinters overgeacteerde interventies op de televisie van overtuigd blijven dat het Blok meer dan welke andere partij ook idealisme en realisme in zich verenigt, tot en met een zekere bekommernis om de in België van zijn roots afgesneden Noordafrikaan die in eigen land toch gelukkiger moet zijn.

Nalatigheid

Spruyt beschuldigt daarom alle bestrijders van het Blok van grove nalatigheid. Nooit nam iemand de moeite zich te stofferen bij de voor iedereen toegankelijke publikaties van de partij. Hijzelf heeft nu het voorbeeld gegeven. Hij heeft niet alleen de officiële doctrine gelezen, vastgelegd in de Grondbeginselen, maar ook alle congresteksten, programmabrochures, partijbladen, samen ruim 3.000 bladzijden. Zo is de auteur in staat onweerlegbaar de concrete beleidsplannen zelf op tafel te gooien: het Vlaams Blok streeft naar een cultureel en raciaal homogeen Vlaanderen. Dit betekent dat Europese vreemdelingen zich moeten aanpassen - voor hen is dat haalbaar - of vertrekken.

Niet-Europese vreemdelingen zijn hoe dan ook niet welkom. Het Blok heeft zelfs liever dat zij zich niet integreren en wil daarom voor hen een soort Apartheid: migrantenkinderen bijvoorbeeld moeten afzonderlijk, islamitisch onderwijs krijgen, opdat ook bij henzelf het verlangen naar de eigen wereld levendig blijft. De Grondbeginselen eisen de humaan georganiseerde terugkeer binnen een redelijke termijn voor het overgrote deel van de niet-Europeanen. Het woord humaan wijst dan waarschijnlijk op het correcte optreden van het bijzondere politiekorps dat de razzia's zal houden om de vreemdelingen op te sporen en op de terugkeerpremie van minimaal één miljoen Belgische frank voor de niet-werkloze gastarbeiders.

Met gevoel voor nuances ontleedt Marc Spruyt ook voor andere thema's de soms dubbelzinnige en bizarre programmapunten van het Blok. Maar hij doet meer. Hij brengt inzicht in de maatschappijvisie van de partij. Die ontspringt aan een anti-Belgisch Vlaams nationalisme dat ruim zestig jaar oud is, altijd werd gefrustreerd en uiteindelijk daardoor verkalkte en perverteerde.

Spruyt verafschuwt daarom elke mythevorming. De Vlaams Blokkers zijn geen neonazi's. Zij bezitten geen paramilitaire vertakkingen. Zij vormen een politieke partij, bestaande uit verbitterden die, opnieuw vrezend voor het verlies van hun autonomie en van de geïdealiseerde Vlaamse eigenheid, zichzelf obsessioneel indoctrineren met een gevaarlijke ideologie.

Het nationalisme verschijnt uit de eigen publikaties trouwens nog altijd als het belangrijkste thema van het Vlaams Blok. De eerste beleidsdaad van de partij ooit zal zijn de eenzijdige proclamatie van de Vlaamse onafhankelijkheid. Zij zal niet eens worden geformuleerd als een eis, maar in België meteen worden gepresenteerd als een voldongen feit, vreedzaam maar resoluut, het Tsjechoslowaakse model.

Marc Spruyt heeft het Blok eerlijk en naar waarheid behandeld. Hij heeft het zelf laten spreken, zijn boek rijkelijk voorzien van citaten. Hij heeft de sterkte van de partij begrepen, de onderschatte intelligentie van haar kopstukken, de meeslepende logica van het systeem onthuld. Nog tijdens het bestaan van het fenomeen heeft hij de eerste bijdrage geleverd aan de geschiedschrijving.