Plan Borst stuit op felle kritiek fysiotherapeuten

AMERSFOORT, 2 JUNI. De vrijgevestigde fysiotherapeuten zijn woedend over de beperking van de vergoeding voor fysiotherapie die minister Borst (volksgezondheid) gisteren heeft voorgesteld.

De minister kondigde gisteren in de Tweede Kamer aan verzekerden voortaan recht te willen geven op ten hoogste negen behandelingen fysiotherapie per jaar per indicatie. Chronisch zieken wil zij 'geheel uitzonderen' van deze maatregel. Het voorstel moet nog in het kabinet worden besproken. Het kabinet wil daarmee 200 miljoen gulden bezuinigen.

De grief van de fysiotherapeuten treft vooral de grondslag van de maatregel. “Het is puur een financiële maatregel die men nu probeert te rechtvaardigen op basis van een waarderingsgrondslag over de fysiotherapeuten. Dat is op zijn minst vreemd te noemen”, zegt de voorzitter van de Vereniging van Vrijgevestigde Fysiotherapeuten (VVF), J. Poen, in een reactie op de maatregel. De minister negeert volgens Poen bovendien “de deskundigheid van de fysiotherapeut omdat zij ons voorschrijft hoe vaak we moeten behandelen”.

De bewindsvrouw deelt in haar plan mensen in twee groepen in: chronisch zieken en “gewone” zieken voor wie negen behandelingen voldoende zouden moeten zijn. Uit onderzoekscijfers van het NIVEL blijkt echter dat het gemiddelde aantal behandelingen per aandoening rond de zestien ligt. Poen: “Uit hetzelfde onderzoek blijkt ook dat 28 procent van de patiënten vòòr de zesde keer teruggestuurd wordt naar de huisarts. Omdat niet iedere patiënt hetzelfde is.”

De VVF, die ongeveer 90 procent van de fysiotherapeuten vertegenwoordigt, heeft zelf een voorstel ontwikkeld waarbij 500 miljoen zou kunnen worden bezuinigd. In dat voorstel kan iedereen op verwijzing van de huisarts een consult bij de fysiotherapeut krijgen met daaraan verbonden vier behandelingen voor collectieve rekening. Poen: “In die eerste behandelingen zijn wij in staat goed onderzoek te doen, een indicatie te stellen en eventueel een verder behandelingplan op te stellen. De patiënt weet dan precies waar hij aan toe is.”

Na die vier keer vergoedt de verzekeraar niet meer tenzij de patiënt bijverzekerd is. Poen: “Dat zal dus bijna iedereen vrijwillig doen. Hierdoor ontstaat een brede solidariteit want een grote groep verzekerden drukt vanzelfsprekend de premie. De staat houdt dan genoeg geld over om verschillende groepen mensen van deze aanvullende verzekering uit te zonderen.”

Maar niet bij voorbaat chronisch zieken, zoals de minister nu voorstelt. Daarmee lijkt de minister te zeggen, volgens Poen, dat chronisch zieken automatisch gebruikmaken van fysiotherapie. “Je zou specifieke groepen moeten ontzien maar dat zijn niet de chronisch zieken maar eerder slechtbehuisden, mensen die zwaar lichamelijk werk doen, WAO'ers, WW'ers en AOW'ers die allemaal tot de laagstbetaalden behoren.”

De maatregel moet ingaan op 1 januari 1996.