Peiling: Rotterdam keert zich tegen stadsprovincie

ROTTERDAM, 2 JUNI. Het aantal tegenstanders van een stadsprovincie in Rotterdam blijft groeien. Een peiling van het Rotterdamse Centrum voor Onderzoek en Statistiek (COS) geeft aan dat 61 procent van de Rotterdammers tegen de stadprovincie gaat stemmen. Voor de stadsprovincie is 26 procent, 13 procent heeft nog geen mening.

Dat de stadsprovincie bij het Rotterdamse referendum van komende woensdag wordt weggestemd, lijkt nu bijna vast te staan. Wel blijft het de vraag of de opkomstdrempel van 170.000 kiezers wordt gehaald. Het onderzoeksbureau verwacht dat 39 procent van de Rotterdammers op 7 juni gaat stemmen. Van de ondervraagde Rotterdammers verklaarde 72 procent weliswaar naar het stemlokaal te gaan, maar het COS houdt er rekening mee dat een groot deel daarvan de enquêteurs een 'sociaal wenselijk antwoord' heeft gegeven. De Rotterdamse gemeenteraad heeft eerder bepaald dat een referendum pas geldig is als de opkomst twee derde van de laatste gemeenteraadsverkiezing is. In Rotterdam is dat 37,8 procent van de kiezers, ofwel 172.553 stemmen. Dit aantal is naar onderen afgerond tot 170.000 kiezers.

Wethouder Kombrink van regiovorming raadde gisteren de voorstanders van de stadsprovincie af om geen stem uit te brengen in de hoop dat het referendum ongeldig wordt door een te lage opkomst. De gemeente voert een campagne 'opkomstbevordering' om dit eerste Rotterdamse referendum tot een succes te maken. Wel heeft Kombrink eerder verklaard dat het gemeentebestuur gewoon doorgaat met de regiovorming als de opkomstdrempel niet wordt gehaald, ook in het hypothetische geval dat woensdag 169.000 kiezers hun stem uitbrengen en 95 procent daarvan de stadsprovincie afwijst. Kombrink: “Ook dan is dit referendum gewoon ongeldig. Een beetje zwanger bestaat niet.”

Het aantal tegenstanders van de stadsprovincie neemt dit jaar in Rotterdam bij elke peiling toe. Bij peilingen in maart en april steeg het aantal tegenstanders van de regiovorming al van 35 naar 44 procent en het aantal tegenstanders van de opdeling van Rotterdam van 47 naar 56 procent. Bij deze laatste peiling is 52 procent tegen de regiovorming en 59 procent tegen de opdeling van Rotterdam. Bij het referendum van woensdag zijn dit overigens geen aparte vragen: wie stemt tegen de opdeling van Rotterdam, stemt tegelijk tegen de regiovorming. De bekendheid met de plannen voor de regiovorming is dit jaar gestaag toegenomen van ongeveer 70 naar 90 procent.

Kombrink weet de groeiende weerzin tegen de stadsprovincie gisteren aan het 'Amsterdam-effect'. De laatste peiling werd eind mei gehouden, vlak nadat Amsterdam met overweldigende meerderheid de stadsprovincie had afgewezen. Kombrink: “Doordat in Amsterdam negen van de tien mensen tegen de stadsprovincie hebben gestemd, lijken twijfelaars in Rotterdam die emotionele keuze ook te maken.”

Kombrink bevestigde gisteren nog eens dat Den Haag het laatste woord heeft. “De Rotterdamse gemeenteraad zal zich aan de uitslag van het referendum houden, maar de Tweede Kamer heeft haar eigen verantwoordelijkheid. Ik sluit niet uit dat de Kamer tot het inzicht komt dat de stadsprovincie er toch moet komen, maar op een andere manier dan Rotterdam voor ogen staat.”