Het wanhopig verzet van het licht; De Nederlandse inzending op de Biennale van Venetië

De Nederlandse inzending voor de 46ste Biennale van Venetië bestaat uit het werk van drie vrouwelijke kunstenaars: Marlene Dumas, Maria Roosen en Marijke van Warmerdam.

Samensteller Chris Dercon noemt de vrouw 'de bohémien van het einde van de twintigste eeuw'. In een van de drie gesprekken met de kunstenaars op deze pagina zegt Marlene Dumas: “Een doek moet een beetje kitsch zijn, een beetje banaal”.

Een week geleden was alles al klaar: Het Nederlandse Rietveld-paviljoen, de Nederlandse presentatie en de daarbij behorende catalogus, compleet met foto's van de huidige inrichting. Volgende week zondag, 11 juni, is het pas zover. Dan opent de in Venetië de 46ste aflevering van de Biennale, de grote twee-jaarlijkse beeldende kunstmanifestatie, honderd jaar na de eerste aflevering.

Chris Dercon, verantwoordelijk voor deze tentoonstelling, koos drie vrouwen; Marlene Dumas, Maria Roosen en Marijke van Warmerdam. Vrouwelijke kunstenaars, omdat ze, zoals hij eerder zei, lange tijd zijn onderdrukt en overschaduwd. Gebrek aan zelfvertrouwen, huwelijk, kinderen stonden een carrière in de weg. Dat is voorbij. Hun werk geeft op academies nu de toon aan. Sterker nog, Dercon noemt de vrouw 'de bohémien van het einde van de twintigste eeuw', sterk en strijdlustig.

“Het is een afwijkend paviljoen geworden”, zegt Chris Dercon, directeur van de Witte de With in Rotterdam, straks van Museum Boymans-van Beuningen. “Een verademing tussen het spektakel. Ik heb in Venetië al veel monsterlijke kunst gezien, er zijn reusachtige installaties in opbouw, zeg maar theaterdecors. Oostenrijk investeerde drie miljoen gulden, vijf keer zoveel als Nederland, in een bouwsel van Coop Himmelb(l)au, Israel heeft 10.000 boeken laten overvliegen.”

De Venetianen zelf zitten er niet op te wachten, vertelt Dercon, met een zeker dédain wordt het zoveelste internationale circus bekeken. De voorbezichtiging trekt alleen al uit Amerika ruim tweeduizend journalisten, conservatoren en andere 'insiders'. Na hun vertrek en dat van honderden Europese collega's, drie dagen later, is het met de grootschalige belangstelling gedaan. Jammer, vindt Dercon, verandering lijkt hem dringend gewenst.

Het Nederlandse paviljoen is dankzij speciaal Amerikaans folie in schemerig daglicht gehuld. De sfeer lijkt op de foto's mooi overeen te stemmen met het motto, een citaat van Simon Vestdijk: 'Kleur ontstaat waar de duisternis overheerst en het licht zich in wanhoop blijft verzetten.' De negen hoge, zwarte schilderijen van Dumas dragen Rietvelds gerestaureerde paviljoen als 'kariatiden', volgens Dercon. Meters hoog rijst Van Warmerdams projectie op van een man onder de douche. De omvangrijke glazen vrouweborsten van Roosen zullen het gehele interieur weerspiegelen.

“Bij Van Warmerdam is het lichaam onderhevig aan snelheid, het valt door die heftige bewegingen bijna uit elkaar. De borsten van Roosen suggereren dat het lichaam inderdaad verbrokkeld is en bij Dumas keert het mensbeeld terug, maar wel gedeformeerd. Eigenlijk lijkt het geheel op een film van Chantal Akkerman, zwaarmoedig, maar toch lichtvoetig. Ik wilde eenvoud en puurheid temidden van al dat spektakel. Als we dertig mensen hiermee bereiken, hebben we inderdaad iets bereikt.”

Behalve de paviljoen-exposities op het Biennale-terrein Giardini en de hoofdtentoonstelling, zeshonderd werken over het thema 'Identità e Alterità' (identiteit en verandering), samengesteld door de Fransman Jean Clair, biedt Venetië tientallen parallel-exposities in kloostertuinen en palazzi. Bart de Baere, conservator van het Museum voor Hedendaagse Kunst in Gent en Lex ter Braak, directeur van De Vleeshal in Middelburg, bereidden de Nederlands/Vlaamse parallel-tentoonstelling Onder anderen/Among Others voor in de tuin van San Francesco della Vigna. Tien kunstenaars nemen eraan deel, onder wie de Nederlandse kunstenaars David Bade, Suchan Kinoshita en Liza May Post.

“Het is af, klaar”, zegt Dercon. “De Nederlandse presentatie is een voetnoot geworden, een punt komma. Ik kijk nu naar de foto's met dezelfde distantie als u.” Trots laat hij het zwarte Biennale-t-shirt nog even zien, dat schuilgaat onder zijn colbert. De regel van Vestdijk over de duisternis en het licht staat erop, in vier talen. De rugzijde vermeldt de namen van de kunstenaars en het simpele, geometrische logo. Nu maar hopen dat het subtiele niet in het spektakel tenonder gaat.

    • Marianne Vermeijden