Euromarkt voor elektriciteit stap dichterbij

LUXEMBURG, 2 JUNI. De interne markt voor elektriciteit in de Europese Unie is gisteren een stap dichterbij gekomen. Tijdens een bijeenkomst in Luxemburg van ministers belast met energiezaken, bereikten voor- en tegenstanders van een volledig vrije markt een compromis over het principe dat lidstaten een zekere overheidsbemoeienis moeten kunnen behouden bij de elektriciteitsproduktie.

Volgens de Nederlandse delegatie biedt het compromis uitzicht op een richtlijn voor gemeenschappelijke regels voor de interne markt voor elektriciteit. Tevens kan Nederland uit het resultaat hoop putten voor het behoud van invloed op de voor ons land zo belangrijke gasmarkt. De vrijmaking daarvan is de volgende kluif voor de bewindslieden, zodra het elektriciteitsdossier definitief is afgesloten.

Aanvankelijk was de voltooiing van de interne markten voor elektriciteit en gas aan elkaar gekoppeld. Maar op aandringen van Nederland is besloten deze energiedragers afzonderlijk te behandelen. Nederland wil de enorme investeringen, nodig voor de opslag van gas in het noorden, voor de lange termijn veiligstellen.

Een volledig vrije markt voor gas zou deze investeringen wel eens in gevaar kunnen brengen. Vanuit die visie voegde Nederland, van huis uit voorstander van vrijhandel, zich in een gelegenheidscoalitie met Frankrijk voor behoud van een zekere overheidsbemoeienis op de elektriciteitsmarkt.

Officieel heette het dat Den Haag het voorzieningsniveau wilde veiligstellen. Een overheid kan nu eenmaal beter voor de lange termijn plannen dan op winst beluste commerciële ondernemingen, zo luidde de redenering. Hoewel Nederland niet erg benauwd hoeft te zijn voor een vrije markt in de elektriciteitsvoorziening, ligt dat met gas aanzienlijk gevoeliger. Steun van Frankrijk is dan onontbeerlijk. En voor Parijs is elektriciteit juist het gevoelige punt. Volledige vrijmaking van deze markt gaat onherroepelijk gepaard met het verlies van tienduizenden arbeidsplaatsen en een enorme kapitaalvernietiging door de gedwongen sluiting van onrendabele elektriciteitsbedrijven.

In het compromis over elektriciteit is nu de mogelijkheid opengelaten voor lidstaten om, naast het systeem van vrije onderhandelingen, gebruik te maken van het instrument van de “single buyer”, een instantie die de exclusieve opkooprechten heeft van elektriciteit. De overheid kan via dit instrument grenzen stellen aan ongebreidelde produktie van elektriciteit door efficiënter werkende bedrijven. (ANP)