Ruzie tussen ANC en Inkatha loopt op

KAAPSTAD, 1 JUNI. De aanhoudende machtsstrijd tussen het Afrikaans Nationaal Congres (ANC) en de Inkatha Vrijheidspartij (IVP) begint de 'grote coalitie' die Zuid-Afrika regeert, aan te tasten. Al wekenlang bestoken president Nelson Mandela en IVP-leider en minister van binnenlandse zaken Mangosuthu Buthelezi elkaar in het openbaar met verwijten, vooral over het geweld in de provincie KwaZulu/Natal. Niemand hecht nog waarde aan de reguliere goedmakertjes van de twee glimlachende politici tijdens de fotosessie.

Na een serie botsingen kwam deze week Buthelezi's lidmaatschap van de regering van nationale eenheid voor het eerst openlijk ter discussie. De coalitie van het ANC, de IVP en de Nationale Partij is allerwege geprezen als de stabiliserende factor in de jonge democratie en de garantie voor nationale verzoening. Buthelezi daagde de president uit hem te ontslaan als minister, nadat Mandela op staatsbezoek in Tanzania over het politiek geweld had verklaard: “Het probleem in KwaZulu/Natal is niet Inkatha, maar de leider van die partij.” Buthelezi reageerde “zeer gekwetst” op de “persoonlijke belediging”. “Als de president een man van eer is, moet hij me niet in zijn kabinet houden. Dan moet hij me ontslaan”, zei hij tegenover een Zuidafrikaanse krant.

Dreigen met geweld, druk opvoeren, jezelf opblazen en de ander kleineren en vervolgens met de afgrond in zicht een akkoord sluiten zijn bekende karaktertrekken van de Zuidafrikaanse politiek. Of het deze keer ook eindigt in overeenstemming, valt te betwijfelen. Het wantrouwen tussen de twee grootste zwarte partijen is door het samen regeren niet afgenomen. Het dateert uit het begin van de jaren tachtig, toen de smeulende burgeroorlog tussen hun aanhangers in de provincie KwaZulu/Natal begon. Inkatha liet zich vorig jaar overhalen tot deelneming aan de verkiezingen en de regering van de nationale eenheid. De voorwaarde was dat internationale bemiddelaars zouden worden ingeschakeld om de impasse tussen de partijen over federalisme in de nieuwe grondwet op te lossen. Het ANC, dat federalisme ziet als het begin van etnische versplintering, is die belofte nooit nagekomen.

De IVP is bezig zijn positie te versterken in KwaZulu/Natal, waar zij de verkiezingen won en de provinciale regering leidt. Buthelezi heeft er nooit een geheim van gemaakt dat hij maximale autonomie van deze regio nastreeft. Onlangs lekte een geheim strategiedocument uit van Inkatha's havik-vleugel, dat door het ANC - “tamelijk hysterisch”, zoals de krant Business Day het noemde - is afgeschilderd als een eerste stap op weg naar de afscheiding van KwaZulu/Natal. Het document stelt voor in het parlement van KwaZulu/Natal wetgeving aan te nemen die de provincie de bestuurlijke bevoegdheid geeft over grond, water, land- en bosbouw, de provinciale ambtenarij, handel, onderwijs en media. Het zijn deels taken die in de interim-grondwet aan de provincies zijn toegewezen, maar hun nog niet door de centrale (ANC-) regering zijn toebedeeld. Het meest omstreden is het voorstel een eigen 'veiligheids- en beschermingsdienst' in de provincie op te richten. Politie en leger vallen nu onder de centrale regering.

Inkatha-parlementariërs wijzen de beschuldiging dat de partij aan afscheiding denkt als belachelijk van de hand. In de jaren tachtig bood het toenmalige blanke bewind van president P.W. Botha Buthelezi meer dan eens de 'onafhankelijkheid' van zijn gebied aan. Een thuisland van de grootste zwarte stam, de Zoeloes, zou een majeure overwinning voor de apartheidsarchitecten zijn geweest. Buthelezi weigerde het aanbod, omdat hij vond dat Zuid-Afrika één federale staat moest zijn. “Als we het niet wilden toen het ons werd aangeboden, waarom zouden we dan nu afscheiding willen?”, stelde Ziba Jiyane, secretaris-generaal en woordvoerder van Inkatha. Volgens Jiyane is het document “niet meer dan een discussiestuk, de mening van een persoon”. Het is geschreven door een vertrouweling van Buthelezi en wordt door de meer gematigde vleugel van de IVP niet op alle onderdelen onderschreven. Met zijn opmerking dat niet Inkatha maar Buthelezi het probleem is, probeert Mandela op die verdeeldheid in te spelen.

Het document is de laatste in een reeks zetten en tegenzetten, die de spanning in KwaZulu/Natal, Zuid-Afrika's meest gewelddadige provincie, hebben opgevoerd. Het ANC wist de koning der Zoeloes, Goodwill Zwelithini, over te halen zijn band met Inkatha te verbreken. Buthelezi speelt op de nationale en de provinciale bühne tegelijk. In Pretoria is hij minister, in KwaZulu/Natal liet hij zich door de lokale Zoeloe-chiefs - Inkatha's belangrijkste machtsbasis - kiezen tot hoofd van het Huis van Traditionele Leiders. Op papier is het een adviseursrol, in de praktijk kan Buthelezi in die etnisch-traditionele rol de gang van zaken in 'zijn' provincie blijven beïnvloeden.

President Mandela, die de afgelopen weken politieke bijeenkomsten hield in het gebied, heeft gedreigd om KwaZulu/Natal geen geld meer te geven als Buthelezi zijn volgelingen blijft oproepen “in opstand te komen” tegen de centrale regering om internationale bemiddeling af te dwingen. Mandela wil bovendien de wet veranderen waardoor het salaris van de traditionele leiders in het land niet meer door de provinciebesturen maar door de nationale regering wordt betaald. Daarmee ontneemt hij Inkatha het belangrijkste instrument van het patronage-systeem in KwaZulu/Natal: de geldkraan. De chiefs, lokale bestuurders met veel macht, zijn in die provincie meestal lid van Inkatha en krijgen hun salaris van het (Inkatha-) provinciebestuur. Waarom zouden ze dan de politieke activiteiten van het ANC in hun gebied toestaan?

Terwijl Mandela en Buthelezi elkaar bevechten, zijn afgevaardigden van de twee partijen begonnen met de allereerste ronde van gesprekken over internationale bemiddeling. De Zuidafrikaanse pers bracht het als een hele vooruitgang dat de onderhandelaars hadden afgesproken elkaar hun stukken met grondwetsvoorstellen te doen toekomen. De derde coalitiepartner, de Nationale Partij, kan intussen toekijken. In dit conflict blijkt dat de 'blanke' politiek er in Zuid-Afrika steeds minder toe doet. “Het probleem in Natal is dat er in het ANC en in Inkatha te weinig democraten zitten”, analyseerde een NP-parlementariër in een gooi- en smijtdebat met ANC- en Inkatha-collega's op de televisie. Een voorbeeld is er ook nauwelijks in Zuid-Afrika: de NP is zelf net bekeerd tot de democratie.