Opstand tegen 'gauwdieven' van het private British Gas

LONDON, 1 JUNI. Wat waren ze woedend. Op de Britse manier dus nog altijd ingehouden. Maar wat waren ze boos.

Van Schotland tot Cornwall, van Wales tot Devon waren ze gekomen om hun gal te spuien. De aandeelhoudersvergadering van British Gas was nog maar net geopend of een bejaarde in maatpak begon al 'bullshit' en “stelletje gauwdieven” te roepen. Of de veertien heren op het podium alsjeblieft zo vriendelijk wilden zijn om op te stappen, vroeg een pas gepermanente dame. Ruim 4.600 aandeelhouders maakten zich op voor een openbare lynchpartij.

Hun woede richtte zich in eerste instantie op de salarisstijging van 71 procent die presidentdirecteur Cedric Brown was toegemeten. Maar die “schaamteloze demonstratie van mateloze hebzucht”, zoals de leider van de campagne 'Stop de volgevreten katten' gisteren de loonsverhoging noemde, was niet meer dan de de sneeuwbal die de lawine van aandeelhoudersboosheid op gang had gebracht. Cedric Brown stond model voor alles wat er mis was, niet alleen bij British Gas, maar bij alle geprivatiseerde nutsbedrijven, in de hele Britse maatschappij.

Daarom waren er acht keer zoveel aandeelhouders als anders naar de vergadering gekomen. Daarom had British Gas op het laatste moment nog moeten uitwijken van de Londense Barbican Hall naar de London Arena, waar normaal alleen maar popconcerten en bokswedstrijden worden gehouden. Omdat de zwijgende meerderheid het zwijgen spuugzat was geworden. Hier onder de schijnwerpers die vorige week nog Eric Clapton hadden beschenen, zat gisteren de generatie die de oorlog had gewonnen, die economisch de vrede had verloren. Hier, niet langer in stilte, mokte de massa die door Thatcher een aandeel in het kapitalisme beloofd was maar die sindsdien de waarde van hun koopwoningen had zien stijgen en weer dalen, net zoals de waarde van hun eerste effecten. Terwijl een zelfgekozen elite zich verschanste in hun royale landhuizen die tegen maatschappelijke onrust, inbraak en volkswoede waren afgeschermd.

Maar gisteren was er geen ontsnappen meer mogelijk voor het bestuur van British Gas. Zes uur lang moesten de veertien directeuren aan de schandpaal blijven staan en een stroom aan verwensingen, verwijten, beledigingen over zich heen laten gaan. Aandeelhouders die zich omschreven als “die kleine mannetjes die altijd de klappen krijgen” lieten zich deze buitenkans op wraak niet ontnemen. Nooit was er naar hen geluisterd. En nu konden ze eindelijk eens ongestraft te waarheid zeggen, met al het venijn dat ze zoveel jaren hadden opgekropt. Ze stelden British Gas verantwoordelijk voor al het leed en onrecht dat ze in hun leven hadden ervaren: voor de oorlog in Bosnië, voor het verlies van het Engelse cricketteam, voor de ziekte van hun oude moeder die niet aan de nieuwe gasmeter had kunnen wennen. En natuurlijk voor de ellende bij British Gas.

Tevergeefs trok bestuursvoorzitter Richard Giordano gisteren het boetekleed aan. British Gas had een aantal veranderingen veel vroeger en veel beter uit moeten leggen. De negatieve berichtgeving over de onderneming was uit de hand gelopen. Maar dat kwam ook omdat de media voortdurend de feiten verdraaiden, terwijl de politiek de ontwikkelingen bij British Gas had aangegrepen om kritiek op het privatiseringsproces te spuien. Zoals ze ook de onvrede over de toenemende inkomensongelijkheid in de Britse samenleving had aangewakkerd. “Deze situatie kan de waarde van uw aandelen alleen maar doen dalen”, waarschuwde Giordano. “Deze escalatie is schadelijk voor British Gas.”

Wat hij verzuimde te vertellen was dat British Gas die crisis zelf over zich heeft afgeroepen. Het bestuur had kunnen weten dat de loonsverhoging van 287.765 tot 492.602 pond voor Cedric Brown, een maximale aandelenbonus van ruim een half miljoen pond nog buiten beschouwing gelaten, op weerstand moest stuiten. Zeker omdat die aankondiging niet zo erg gelukkig getimed was. Het bedrijf maakte bijna tegelijkertijd bekend dat er 25.000 banen geschrapt moesten worden, dat een deel van het personeel een loonsverlaging zou krijgen, dat de showrooms dicht zouden gaan. Daar kwam nog bij dat op veiligheidscontroles bezuinigd zou worden. Ook een sterke stijging van het aantal huishoudens dat van het gasnet afgesloten werd, ondermijnde het klantvriendelijke imago van de onderneming. Het aantal klachten tegen British Gas steeg vorig jaar met 26 procent.

Binnen een half jaar is het concern erin geslaagd om niet alleen klanten en werknemers maar ook aandeelhouders massaal tegen zich in het harnas te jagen. Die belangengroepen zijn bij British Gas niet zo makkelijk te scheiden omdat afnemers en werknemers bij de privatisering van het bedrijf in 1986 de kans kregen goedkoop een aandeeltje te kopen. Veel van de 1,8 miljoen investeerders in British Gas zijn daarom dubbel of driedubbel ontevreden, niet alleen als aandeelhouder maar ook als personeelslid en klant.

Giordano vertelde gisteren dat hij sinds eind vorig jaar duizenden verontwaardigde brieven heeft gekregen. Honderdduizenden al even boze telefoontjes verstopten de telefooncentrales van de onderneming wat weer tot nieuwe klachten leidde. Achthonderd extra mensen moesten worden aangetrokken om de toevloed aan frustratie te beteugelen.

British Gas had de pech dat het in opspraak kwam in een periode dat grote twijfels over de privatisering rezen. Niet over de privatisering van bedrijven als British Airways en British Steel. Wel over de privatisering van openbare nutsbedrijven. Deze firma's werden verzelfstandigd zonder dat ze hun monopolies verloren. Hun prijzen worden niet door de markt gedicteerd maar door regulerende instanties. Elke efficiency-verbetering komt niet de klanten of het personeel ten goede maar alleen de winsten. De afgelopen vijf jaar verdwenen in de Britse nutssector 150.000 banen. Tegelijkertijd steeg vorig jaar de winst van de bedrijfstak met 40 procent tot 7,7 miljard pond. Parallel daaraan schoten ook de directiesalarissen omhoog.

Labour becijferde dat 145 bedrijfsbestuurders samen al meer dan 100 miljoen pond aan aandelenopties hebben ontvangen. Het salaris van de bestuursvoorzitter bij North West Water steeg van 47.000 naar 338.000 pond, de bestuursvoorzitter van Midlands Electricity ging erop vooruit van 62.270 naar 190.000 pond, de presidentdirecteur van Scottish Power zag zijn basisinkomen meer dan verviervoudigen tot 255.218 pond. Aan de lijst van “rijken die het niet verdienen”, “van directeuren die door hebzucht zijn bezeten”, zoals ze door Labour worden omschreven, komt geen einde. Zo wijdverbreid is intussen de verontwaardiging over de zelfverrijking van voormalige staatsmonopolies, dat premier Major een onderzoek heeft gelast naar de bestuursbeloning bij de geprivatiseerde bedrijven. Dezelfde Major die de royale salarisverhogingen aanvankelijk te vuur en te zwaard heeft verdedigd als natuurlijke spelingen van een vrije markt.

De nationale furie kwam gisteren bij British Gas tot ontlading. Zwaaiend met hun rode stemkaarten, alsof ze het bestuur daarmee van het veld konden sturen, verwierp een overweldigende meerderheid van de aanwezige couponknippers het nieuwe beloningssysteem voor topbestuurders. Eerder al kregen Cedric Brown en Richard Giordano te horen dat ze “de meest verachte mannen” van Groot-Brittannië waren. Buiten deed 'de meest vraatzuchtige zeug van het westelijke halfrond' die Cedric gedoopt was, zich uit een 'privatiseringstrog' aan 'aandelenopties' te goed.

Het protest van de boze massa deed geen koppen rollen. Het bestuur had zich tevoren van de steun van de institutionele beleggers verzekerd. Hun anonieme aanwezigheid woog bij de stemmentelling zwaarder dan een zaal vol rode kaarten. Toch claimden de actiegroepen van aandeelhouders na afloop een morele overwinning. “Volgend jaar komen we terug, en het jaar daarop, en het jaar daarop”, waarschuwde professor Joseph Lamb, één van de actieleiders. Anne Simpson, directeur van de adviesfirma Pensions Investment Research Consultants, zei dat nutsbedrijven het voortaan wel uit het hoofd zullen laten om hun directeuren excessief te belonen. “Dit zal later een waterscheiding in de relatie tussen geprivatiseerde bedrijven en hun aandeelhouders blijken te zijn.”