Negen behandelingen per jaar vergoed voor fysiotherapie

DEN HAAG, 1 JUNI. Het aantal door verzekeringen te vergoeden behandelingen voor fysiotherapie wordt gebonden aan een maximum van negen per jaar per indicatie. Voor chronisch zieken blijft het aantal te vergoeden behandelingen onbeperkt.

Minister Borst (volksgezondheid) heeft dit vanmiddag aan de Tweede Kamer voorgesteld in een debat over zorgverzekering en kostenbeheersing in de gezondheidszorg. De bezuiniging op fysiotherapie moet 200 miljoen gulden opleveren.

De maatregel is onderdeel van 900 miljoen bezuinigingen die het kabinet wil doorvoeren in de gezondheidszorg. Gisteravond sprak de Kamer over het verplichte eigen risico tegen ziektekosten van 200 gulden voor iedereen. Na D66 keert nu ook de PvdA-fractie in de Tweede Kamer zich tegen de invoering van dit eigen risico. In het debat hield de VVD als enige regeringspartij vast aan een door het kabinet voorgesteld verplicht eigen risico. Ook de oppositie is voorstander van een eigen risico. Kamerlid Lansink (CDA) vond 200 gulden zelfs te weinig en stelde voor het eigen risico, afhankelijk van het inkomen, te laten oplopen tot 500 gulden.

In het najaar zal het Kamerlid Oudkerk (PvdA) een alternatief presenteren voor de maatregel die deze kabinetsperiode 900 miljoen gulden moet opleveren, zo kondigde hij aan. Volgens Oudkerk kan het bedrag elders in de sector worden bespaard, onder meer door efficiënter en doelmatiger te werken.

Het kabinet kondigde al eerder maatregelen af voor tandheelkundige behandelingen, die afgelopen januari uit het ziekenfondspakket verdwenen. Mensen kunnen zich hiervoor bijverzekeren of moeten de rekening zelf betalen.

De prijzen van geneesmiddelen gaan via een prijzenwet naar het niveau van de ons omringende landen. Dat levert 700 miljoen gulden op. VVD en D66 zetten vraagtekens bij de noodzaak van zo'n wet. Van Boxtel (D66) vroeg de minister gisteravond of zij een alternatief, eventueel geboden door de apothekers of de farmaceutische industrie zelf, zou honoreren.

Twee maatregelen die verzet uitlokten, zijn de pil uit het ziekenfonds en de invoering van een eigen risico van 200 gulden voor iedereen. De pil-maatregel sneuvelde al vóór de behandeling in de Kamer, toen bleek dat het, als gevolg van Europese regelgeving, niet mogelijk was de pil voor een lagere prijs via de drogist te verstrekken.

D66 lanceerde onlangs een alternatief voor een eigen bijdrage van 200 gulden. Deze partij beschouwt de maatregel als een onverantwoorde aanslag op de laagste inkomens. Het voorstel van het Tweede-Kamerlid Van Boxtel (D66) bestaat uit drie onderdelen: voor de laagste inkomens (ziekenfondsverzekerden met een inkomen tot 30.000 gulden) komt geen eigen risico. De andere ziekenfondsverzekerden (met een inkomen tot 58.000 gulden) gaan een eigen bijdrage betalen tot een maximum van één procent van het bruto inkomen. Als voorbeeld van deze regeling dient het zogeheten IZA-systeem, dat nu geldt voor een groot deel van de ambtenaren. In de derde stap krijgen particulier verzekerden een eigen risico van ten minste tweehonderd gulden.

Van Boxtel en Oudkerk houden voorlopig vast aan hun eigen plannen, maar zijn het er wel over eens dat invoering van het eigen risico voor iedereen hoge uitvoeringskosten met zich meebrengt. Bovendien betwijfelen zij of mensen door het eigen risico minder snel naar de dokter zullen gaan. Behalve kostenbesparing is dat een motief van minister Borst (volksgezondheid) om de maatregel in 1997 in te voeren. Borst heeft eerder te kennen gegeven dat zij geen moeite heeft met een alternatief. Voorwaarde is volgens haar wel dat alle coalitiepartners het daar over eens zijn.