Moedertaal op het eindexamen

Voor mavoscholiere Guldane (18) was het eindexamen Turks een makkie. Omdat ze pas op haar veertiende naar Nederland kwam heeft ze heel wat jaren in de Turkse schoolbanken doorgebracht. Ze geeft toe, voor dit extra keuzevak hoefde ze niet veel te doen. Maar voor de andere vakken moest ze des te harder werken, vooral de eerste tijd toen ze het Nederlands nog niet goed onder de knie had. Toch heeft Guldane de afgelopen drie jaar genoeg kunnen leren van docent Ünal Akpinar. Haar woordenschat is flink uitgebreid en de aandacht die de docent tijdens zijn lessen aan de Turkse cultuur schonk, was aan haar goed besteed. Bovendien, zo heeft Guldane de afgelopen vier jaar ervaren, 'als je je moedertaal goed spreekt leer je ook andere talen makkelijker.' Klasgenoot Güslün (16) die rond haar zevende naar Nederland kwam, maar tussendoor nog een jaar in Turkije op school zat, moest er duidelijk harder voor werken. 'Ik was het Turks een beetje aan het vergeten', vertelt ze, 'ik kon steeds moeilijker met m'n ouders praten.' Güslün vindt niet dat ze vloeiend Turks spreekt, maar doordat ze vier jaar Turks heeft gehad op de mavo heeft ze haar moedertaal in elk geval wel kunnen bijhouden.

Op de Berlage Scholengemeenschap in Amsterdam deden begin deze week acht leerlingen van de mavo en negen van de havo eindexamen Turks. De mavo-eindexamenklas Arabisch telde dertien leerlingen en die van de havo 23 leerlingen. Deze scholengemeenschap voor mavo, havo en vwo die bijna duizend scholieren en 56 nationaliteiten telt, is de eerste school in Nederland waar havisten eindexamen kunnen doen in Turks en Arabisch, zij het nog in experimentele vorm.

Volgend jaar krijgen ook leerlingen van het VWO die kans. Docent Arabisch Hamdy Mighawry ziet hierin het resultaat van jarenlang knokken. Samen met zijn Turkse collega, Ünal Akpinar, heeft hij de afgelopen vijf, zes jaar binnen en buiten de school veel werk verzet om voor het Arabisch en het Turks een positie te verwerven die vergelijkbaar is met de andere moderne talen. Op de Berlage scholengemeenschap lijkt dat aardig te lukken, die vervult een voortrekkersrol. Maar Mighawry moet met droefheid vaststellen dat in een stad als Utrecht, waar veel Marokkanen wonen, geen enkele school voor voortgezet onderwijs Arabisch als keuzevak heeft. Op dit ogenblik bieden zo'n 120 scholen in het land Turks en Arabisch als keuze-en eindexamenvak aan, ongeveer 4000 leerlingen maken van dit aanbod gebruik.

Toch wordt ook binnen de Berlage scholengemeenschap af en toe nog met een scheef oog naar de wervende activiteiten van de twee docenten gekeken, zo stelt Ünal Akpinar vast. 'Collega's voelen het soms als een bedreiging voor hun eigen vak, want vrijwel alle leerlingen van Turkse en Marokkaanse afkomst kiezen voor hun moedertaal. Rahma (18) heeft net eindexamen havo met als extra vak Arabisch gedaan en wil volgend jaar HBO-Islam aan de Hogeschool in Diemen gaan studeren. Ze reageert fel als anderen zeggen dat het maar makkelijk is om je moedertaal te kiezen. 'Arabisch is toch net als Nederlands gewoon een vak? Nederlandse leerlingen moeten toch ook werken om voor hun eigen taal een voldoende te halen?' Niet alleen medescholieren, ook leraren geven soms commentaar op leerlingen die Arabisch of Turks kiezen als extra vak zodat ze daarmee tijdens het eindexamen een onvoldoende voor een ander vak kunnen compenseren. De docenten Akpinar en Mighawry kennen die geluiden. 'Collega's zeggen soms tegen leerlingen: waarom zou je Turks kiezen, je spreekt die taal toch al?' Hamdy Mighawry heeft er geen moeite mee dat Turkse en Marokkaanse leerlingen hun niveau via een extra vak kunnen ophalen en zo hun kans van slagen verhogen. 'Deze kinderen moeten vaak hard werken voor de andere vakken. We willen toch juist dat ze hun mogelijkheden vergroten?'

Omdat op de Berlage scholengemeenschap betrekkelijk veel leerlingen zitten die op latere leeftijd naar Nederland zijn gekomen, is het niveau van de bestaande leerboeken Turks en Arabisch voor hen te laag. 'Die zijn geschreven voor kinderen die hier zijn opgegroeid', legt docent Akpinar uit. 'Maar over een paar jaar als wij ook met die groep te maken krijgen, zijn het voor ons goede lesboeken.' Tot nu toe moesten zijn leerlingen genoegen nemen met door hem zelf ontwikkeld lesmateriaal. Dat geldt overigens ook voor de havoleerlingen die dit jaar eindexamen Turks en Arabisch deden. Pas volgend jaar heeft het Cito een centraal schriftelijk examen klaar. Als er dan voldoende leerlingen zijn die voor deze vakken kiezen, wordt de markt voor de uitgevers interessant.Mighawry en Akpinar zijn beiden aan het Cito verbonden en nauw betrokken bij de ontwikkeling van de schriftelijke eindexamens voor hun vak. Ze zouden graag zien dat dit ook gekozen werd door leerlingen die geen Turkse of Arabische achtergrond hebben, maar dan moet er een leerplan ontwikkeld worden dat uitgaat van een 'nul-niveau'.

De vijf schoolonderzoeken die de 23 havoleerlingen Arabisch dit jaar op de Berlage scholengemeenschap werden afgenomen, bevinden zich op hetzelfde kennisniveau als bij de andere moderne talen en bevatten dezelfde onderdelen: spreekvaardigheid, lees- en schrijfvaardigheid, een luistertoets en literatuuronderwijs. Docent Mighawry wijst naar de twee kasten vol Arabische boeken en legt uit dat hij in zijn literatuurlessen een 'nieuwe weg tussen twee culturen' probeert in te slaan. 'Ik wil dat de leerlingen een kritische, realistische kijk krijgen op de twee culturen waarin ze leven.'

Charifa (20) zucht als ze terug denkt aan het vuistdikke boek dat ze voor Arabisch heeft moeten doorworstelen. 'Dat telde wel voor drie boeken', laat ze weten. En ze is al niet zo'n lezer. Amin (21), die zo'n vijf jaar in Nederland is zojuist eindexamen havo heeft gedaan, kostte het niet veel moeite om z'n Arabische lijst vol te krijgen. 'Ik lees veel en het liefst in het Arabisch', zegt hij. 'Daar heb ik tenminste geen woordenboek bij nodig.'