Voze grappen, poëzie en erotiek op videofestival

Festival: 13th World wide video festival. Theater aan het Spui, Spui 189, Den Haag en andere locaties. T/m 30 april, elke dag van 10u30 tot 2u. Inl 070-3644805

Wie de bekende vooroordelen tegen videokunst als het toppunt van verveling bevestigd wil zien, moet vooral de installatie Lieve wind van Erik Nerinckx, opgesteld in het HCAK, gaan bekijken: een gipsen zandhoop met kinderkleertjes en erover heen een onduidelijk videobeeld geprojecteerd. Of The Uncharted Body van Keith Piper in de Maldoror Galerie: een new age-achtige compositie van drie monitoren en een videoprojectie die het in een chill out ruimte vermoedelijk net niet zou halen.

Videokunst blijft een problematisch genre, waarin - wellicht een gevolg van elektrische versterking - de nietsigheid en aanstelleritis van een deel van de kunstwereld nog penetranter dan gewoonlijk aan het licht lijkt te treden. Dat de video-kunstwereld zich enthousiast werpt op nieuwigheden als Internet, interactiviteit en virtual reality maakt het er niet noodzakelijkerwijs beter op. Bij de installatie Utopia van de Amerikanen Max Almy en Terri Yarbrow bijvoorbeeld, mag de toeschouwer wel met een elektronisch pistool schieten op een afgezaagd cd-i-filmpje over de waanzin van de stedelijke samenleving, maar de inhoud van het filmpje verandert er niet door. Alleen krijgt de toeschouwer aan het einde een score, waarvoor is onduidelijk.

Van een voze grappigheid is eveneens de cd-rom Boy van Nino Rodriguez, waarbij de toeschouwer met een klik op de muis steeds andere uitspraken ontlokt aan een pratend vrouwenhoofd, dat vagelijk-incestueuze ervaringen schijnt te willen vertellen. Het resultaat is de deconstructie van een, voor zover valt na te gaan, al betrekkelijk constructieloos verhaal.

Toch is er veel spannends te beleven op het gisteren in Den Haag geopende festival voor videokunst. Men mijde wellicht de publieke vertoningen: merkwaardig genoeg heeft de audiovisuele industrie nog geen procédé bedacht waarmee video anders dan bleekjes en korrelig op doek kan worden geprojecteerd. De welvoorziene videotheek van het festival is echter onvolprezen en uit menige op aanvraag gedraaide band blijkt dat her en der in de wereld videokunst wordt bedreven zonder dat meligheid voorop staat.

De Nederlandse Merel Mirage manipuleert in Blood in blossom op geraffineerde wijze microscopische opnamen van bloemen en huid tot een poëtisch en erotisch geheel. Een soortgelijke verrassing brengt 'E.T. baby' teweeg in Sex fish, een beeldvergelijking tussen vissen en vrijende mensen. Sommige werken ontpoppen zich tot kleine speelfilms, zoals Yes sir! Madame van Robert Marin uit Québec, waarin een franstalige parlementsafgevaardigde in Ottowa tot zelfdestructie vervalt.

Andere werken dragen het karakter van een fraai in beeld gebrachte toneel- of balletvoorstelling, zoals Charles Atlas' Superhoney, verslag van een orgie. Zeer fraai is You're DEAD man van de Catalaan Julian Alvarez, waarin een man tien minuten lang beweegt onder invloed (zo is de suggestie) van op hem afgevuurde kogels uit een machinegeweer.

Andere tapes neigen tot literatuur, zoals Asian Studs Nightmare van Kip Fulbeck, een door gecomprimeerde videobeelden begeleide tekst over de manier waarop in de Amerikaanse, ook in Nederland bekende dating show 'Studs' zwarte of aziatische meisjes wel aan een blanke jongen mogen worden gekoppeld, maar een zwarte jongen nooit aan een blank meisje. Ondanks ruime gelegenheid tot ergernis valt er op het festival, kortom, veel te ontdekken.