Verplichte pensionering

De verplichte pensionering op 65-jarige leeftijd is volgens de Hoge Raad geen vorm van leeftijdsdiscriminatie. De raad acht een vaste pensioenleeftijd makkelijker objectief te beoordelen dan of de betrokken werknemer nog even mee kan. Dit valt te concluderen uit een artikel van mr. Huydecoper (NRC Handelsblad, 21 april).

Wordt hier politiek bedreven of rechtspraak, vroeg ik mij af. Inmiddels komen er steeds meer vrouwen op de arbeidsmarkt die geacht worden hun eigen pensioenopbouw te realiseren, en die bij verplichte pensionering (als alleenstaande) tot armoede worden veroordeeld na jarenlange investeringen in kinderen en (ex-)man. Mijns inziens dient ook bij pensionering de mogelijkheid van keuze te komen om na het 65ste jaar door te werken in deeltijdvorm. Dit biedt de werkende vrouwen in achterstandspositie een kans om de armoede nog even uit te stellen van een pensioen dat uitgaat van de norm van veertig dienstjaren en dat volledig is gebaseerd op de normen die al eeuwenlang uitsluitend door en voor mannen bepaald worden.

De Hoge Raad bestaat uit 29 mannen (gehuwd) en 4 vrouwen waarvan 1 ongehuwd is.